HomeOntwerp van het eerste boek van een wetboek van strafregtPagina 11

JPEG (Deze pagina), 718.41 KB

TIFF (Deze pagina), 4.93 MB

PDF (Volledig document), 12.24 MB

9
opsluiting in de wet te zien opnemen. Niet alleen in het
` belang der veiligheid, maar zelfs in dat van den gevonnisdc
is die straf aan te bevelen. Immers hij, die eene lange
gevangenisstraf verduurd heeft, vindt bij zijn ontslag vaak
geene betrekkingen, geen middel van onderhoud meer, en
dat laatste zal voor hem in een vreemd land eerder dan
- in zijn eigen te verkrijgen zijn, vooral als de langdurige
cellulaire opsluiting hem veel heeft doen aan- veel doen
afleeren. Nu reeds is het voornaamste streven van het ge~
nootschap tot zedelä/ce verbetering der gevangenen, aan zulke
verlcgenen den overtogt naar buitenslands gemakkelijk te
maken. De uitgangs­kas van den gevangene zal dan ook
door zijne onmiddellijke opzending uit de gevangenis voor
hem behouden blijven, en tot zijn eerst onderhoud in den
vreemde kunnen strekken (*).
Wij hebben in ons eerste betoog den innigen wenscit
geuit, dat de minister nog één stap verder mogt zijn gegaan,
T door niet een partiëel, maar een volleclig boetestelsel aan
de wetgevende magt voor te dragen. Veel, oneindig veel
heeft hij reeds gedaan door de gevangenisstraf tot op vijf
jaren uit te strekken, en zijn ontwerp heeft daardoor de
sympathie van de voorstanders van het penitentiair sys-
teem in geene geringe mate gewonnen; maar nu willen wij,
doordrongen van het hooge gewigt der zaak, verantwoor-
ding geven van hetgeen wij met dien eenen slap verder
bedoelden. Er is daarmede nog eene wijde klove over te
gaan, doch wij schromen het niet te zeggen, het is veelal
het hechten aan het oude, dat die klove zoo onover-
komelijk doet schijnen. Hoevele eeuwen zijn er niet over
verloopen vóór men de hokken ontsloot, de ketenen los-
maakte die de krankzinnigen gekluisterd hielden en
het was voor onzen tijd bewaard om in hun afgrijsselijk
lot, zooveel redding en leniging aan te brengen als mensch-
lievenheid, wetenschap en ervaring vermogen.
Nu gaat er weder eene roepstem op, voor andere krank-
’ zinnigen, voor kranken naar den geest; voor bijkans een
gt vijfduizendtal,die jaarlijks nog droeviger gestichten dan de
verblijven van den waanzin vullen. Zal men zich hun lot
minder aantrekken dan dat der anderen, nu er niet slechts
aardsch, maar ook eeuwig geluk op het spel staat?
(*‘) De Regering stelt het in de memorie van toelich-
ting twijfelachtig, of de straf van verbanning bij de tegen­
woordige betrekkingen tusschen de verschillende Staten
onderling verdient te worden bepaald. Wij erkennen gaarne
dat er op het beginsel iets aan te merken zou zijn, doch
zoo lang de weg toch voor den misdadiger open staat om
zich over zekere grenzen in veiligheid te stellen, zou een
beginsel in de wet kunnen be/ronden blijven, dat zoo hoogst
zeldzaam in toepa sing zal worden gebragt. Men verdrijft
den misdadiger dan ook niet, dan nadat hij door langdurige
gevangenisstraf boete zal gedaan hebben voor het bedreven
kwaad, en geene nieuwe betrekkingen tegen de veiligheid,
gedurende de gevangenschap heeft kunnen aanknoopen,