HomeEngeland's aandeel in den oorlogPagina 17

JPEG (Deze pagina), 1.05 MB

TIFF (Deze pagina), 7.35 MB

PDF (Volledig document), 35.65 MB

W
~ 15
de erkende en onmi­sbare behoedster van het geheele samenstel
van onzen handel en van ons rijk. Algemeen is altijd het
geloof geweest, dat, zoolang wij in het bezit waren van een
zeemacht, krachtig genoeg om onzen overzeeschen handel te
beschermen en om invasie onmogelijk te maken, het vaderland
. verder niets te vreezen had. Men redeneerde dat een groot staand
leger, zooals men ze op het Vasteland wierf en op den been hield,
hiertelande overtollig was, overtollig, niet alleen wanneer de
zeemacht voor haar taak berekend bleek, maar evenzeer wanneer
het tegendeel het geval mocht zijn, omdat dan immers het land
door uithongering tot onderwerping zou kunnen gedwongen wor-
den, ook zonder dat de aanvaller tot het landen van troepen zou
behoeven over te gaan. VVel waren er een aantal invloedrijke
advocaten van een stelsel van een nationale militaire weermacht
voor de verdediging van het eigen gebied en als een bijkomstige ­
zekerheid tegen een eventueele landing met succes uitgevoerd,
. maar niemand, van welke politieke kleur ook, had er.ooit het
flauwste voorgevoel van, dat het land zich ooit gedwongen zou
kunnen zien, aan een oorlog op het Vasteland deel te nemen, met
een macht naar verhouding niet geringer in aantal dan die der con-
, tinentale legers. Zelfs Lord Roberts, de beroemdste voorvechter
, voor een stelsel van nationale verdediging, stond niet op vermeer-
dering van de geregelde troepen van de Kroon, die men voor
, militairen dienst overzee zou kunnen gebruiken. Zijn stelsel had
verdediging van het eigen Zand op het oog en werd geinspireerd
~ door het vooruitzicht, dat het tusschen Duitsehland en Engeland
op een tweekamp zou uitloopen.
» Groot-Brittanje was derhalve bij het uitbreken van den oorlog
heelemaal niet een " militaire " natie. in den zin die aan dezen
term op het Vasteland wordt gehecht. Zij bezat geen conscriptie-
leger, zooals Frankrijk en al evenmin een stelsel van militaire
oefenplicht, zooals Zwitserland. Voor hare weermiddelen, ter
_ zee of te land, hing zij geheel van vrijwillige dienstneming af.
Zij had een uitstekend geoefend staand leger bestaande uit
omstreeks 233.000 man, actief-dienende en 203.000 man reserve,
j voorts een Indisch Leger. ongeveer 150.000 man sterk en een
Territorial Force, voor’s lands verdediging en uit vrijwilligers
W bestaande, ten getale van 263.000. Niemand kon echter met
zekerheid aangeven, hoeveel geregelde troepen men zonder gevaar
aan Indië zou kunnen onttrekken en evenmin, hoeveel Territorials -
zouden willen "teekenen" voor dienst buiten het Vereenigd
Koninkrijk; evenmin was het een uitgemaakte zaak, welke mil.i-
taire waarde een regiment Territorials voor een modernen krijg op
het Vasteland zou toonen te bezitten. Deze problemen namen
de publieke aandacht echter niet in beslag, om reden men
in het algemeen hiertelande noch in het zeer aanstaand zijn
noch in de mogelijkheid van oorlog geloofde. Integendeel,
men was nimmer te voren heftiger met elkander over binnen-
‘ landsche strijdvragen aan het plukharen dan toen. in de eerste
week van Augu­stus 1914, op’t onverwachtst de oorlogswolk over
België losbarstte. ”
De Engelsche Expeditionaire 1/Iacht­tot niemand’s grootere
verwondering dan die van onszelven tot in de kleinste bijzonder-
heden uitgerust en op voet van oorlog gebracht-die in de tweede