HomeEngeland's aandeel in den oorlogPagina 15

JPEG (Deze pagina), 1.05 MB

TIFF (Deze pagina), 7.37 MB

PDF (Volledig document), 35.65 MB

E 13
Britsche Vloot niet onmiddelijk overgaat tot het opzoeken van
{ de Duitsche Vloot in haar eigen wateren om haar zonder verwijl
l te vernietigen. In antwoord op deze vraag diene, dat zulk een
optreden ten eenenmale in strijd zou zijn met elk beginsel der
. maritieme krijgskunst. Een vloot onder-scheidt zich hierin van
V een leger dat zij is samengesteld uit een betrekkelijk klein aantal
uiterst kostbare eenheden, waarvan het eventueel te gronde gaan
niet dan na een belangrijk tijdsverloop zou kunnen worden
goedgemaakt. Een Generaal kan zeer wel een bataillon of zelfs
‘ een legercorps wagen aan een vele offers vragende onderneming
en het loopen van zulkeen risico kan zeer goed gewettigd zijn. in
, aanmerking genomen, dat eventueel verlies haast onmiddelijk kan
worden aangevuld. Maar met het bouwen van een slagschip gaat
een heel jaar heen, ook zijn er jaren gemoeid met de vorming van
een zee-officier. Derhalve stelt een zwaar verlies aan zóo uiterst
belangrijke gevechtseenheden geleden niet een tijdelijïcc schade
A daar, die in den loop van den oorlog kan worden vergoed, maar
een blvjzrencl en onherstelbaar nadeel. Zulkeen risico is de
‘ Britsche Vloot, met hare groote verantwoordelijkheid voor de
bescherming van den Britschen handel en het over zee vervoeren
van troepen, niet gerechtigd te loopen. De opmerking volsta
hier, dat de door haar sinds den aanvang van den oorlog uitgeoe-
fend-e druk van dien aard is geweest, dat, waar het geldt het
erlangen van werkelijk gewichtige uitkomsten, de eergierige
Duitsche Marine even goed nimmer gebouwd had kunnen zijn.
E Dit verbazingwekkend en toch niet onvoorzien resultaat werd
`W bereikt door een onvermoeide en altijd waakzame· activiteit,
waarvan de van de zee verwijderd levende bevolking van Europa
nauwelijks een vaag idee heeft. Terwijl de Duitsche Marine,
j behoudens dan hare duikbooten, veilig achter haar gordel van ,
E zeemijnen, binnen hare havens of althans zeegaten, een rustig
bestaan leidt, is de Engelsche Vloot in gestadige beweging, hier
transportschepen convoyeerend, daar submarines nazettend, dag
i en nacht, in zomer en winter, weer of geen weer, op den uitkijk
j over de mistroostige wateren van de Noord-Zee en, mijnen eu
‘ onderzeëers braveerende, om van het minste door den tegenstander
, gegeven teeken van leven verslag te kunnen uitbrengen. Een
leger is min of meer aan de plaats, waar het zich ophoudt,
t gebonden, een vloot daarentegen, die de hooge zee be-
heerscht, dient in voortdurende beweging te blijven. Vtlaar
onze ·schepen zich bevonden is alleen aan de Admiraliteit bekend.
De gewone man, gedwongen dienaangaande in onwetendheid te
W leven, kan er voor zichzelven staat op maken dat gedurende elke
minuut, van den dag of van den nacht, elk schip in de Engelsche
j Marine het tooneel is van een of ander noodig en belangrijk
bedrijf.
‘ Soms gebeurt het, dat van deze alonrtegenwoordigheid van onze
zeemacht openlijk blijkt, bijvoorbeeld wanneer wij ervaren dat
schepen, waarvan wij onderstelden, dat zij zich in de vader-
landsche wateren bevonden, plotseling en in alle stilte werden
s samengetrokken en koers zetten naar het andere uiteinde van de
aarde. Een illustratie hiervan levert het zeegevecht bij de
V Falkland­Eilanden. Op 6 November ontving de Admiraliteit