HomeEngeland's aandeel in den oorlogPagina 12

JPEG (Deze pagina), 1.04 MB

TIFF (Deze pagina), 7.25 MB

PDF (Volledig document), 35.65 MB

`
lit r
l F
, 10 j
Vl `
en zulks in weerwil van de aanvankelijke afbreuk door een stuk
4 of wat op zichzelf ageerende Duitsche kruisers aan die handel
gedaan en de latere bedrijvigheid door de Duitsche submarines
betoond. Op 23 October 1914, toen de oorlog twee­en-een halve 1
i 5 maand aan den gang was, vaardigde de Engelsche Admiraliteit _
het volgend communiqué uit:
i Onze verliezen zijn percentsgewijs veel minder groot dan
wij ze ons vóór den oorlog voorstelden. Op een aantal van
4,000 Britsche schepen in de groote vaart deed de vijand er
slechts 39 zinken, derhalve nog niet eens één percent van
T het totaal. De assurantiekoers voor cargo’s, die bij het uit-
jg breken van den oorlog 5% beliep is nu tot 2% gedaald,
zonder dat het fonds er scha bij had. Voor bodems, afge-
scheiden van de cargo is de assurantie eveneens beduidend
iïï teruggeloopen. Tusschen 8,000 en 9,000 reizen overzee
jiïá werden van en naar havens van het Vereenigd Koninkrijk
,,_~ gedaan; hiervan werden minder dan à percent. lastig geval-
len en verliezen als deze moeten meerendeels op rekening
worden gesteld van koopvaardijvaarders, die het er maar
op aan lieten komen en zich van het nemen van voorzorgs-
maatregelen onthield·en, alsof er heelemaal geen oorlog was.
Hiertegenover staat dat de Duitsche overzeesche handel zoo
Q goed als geheel heeft opgehouden te· bestaan. Bijna al hunne
snelvarende schepen, die als hulpkruisers dienst hadden
kunnen doen, werden prompt in onzijdige havens vastgena-
geld of zagen zich genoodzaakt, in eigen havens een veilig
heenkomen te zoeken. Van de betrekkelijk weinige Duitsche
schepen die zich buitengaats begaven werden er 133 buit-
gemaakt of bijna viermaal zooveel als voor de zeer groote
Britsche koopvaardijvloot verloren gingen."
Deze mededeeling werd gedaan, toen het nog aan zeven of acht
Duitsche kruisers vrijstond, zich op het ruime sop te bewegen.
Met deze werd echter spoedig korte metten gemaakt en sinds den
zeeslag bij de Falkland-Eilanden op 8 December, bestaat het
°` éénige krachtige wapen van de Duitsche Machten tegen den over- `
zeeschen handel der Gealliëerden in de subniarine. Niemand zal
ontkennen, dat de Duitsche snbinarine aan de Engelsche scheep-
vaart schade heeft berokkend. Zij heeft den oorlog gevoerd tegen
ongewapende en weerlooze bodems, ook wanneer zij geen con-
trabandc aan boord hadden en is er voorts in geslaagd, de aller-
­ eerste beginselen der menschelijkheid te schenden door de
opvarenden van visscherschepen, van handelsvaartuigen en van
een groote "ocean-liner," vol passagiers, te doen verdrinken.
Om ons een juiste voorstelling van de militaire en oeconomische
situatie te vormen moeten wij in het bijzonder het oog vestigen
§ op het feit, dat de Duitsche submarine, ondanks haar in de hoogte
’ gestoken verrichtingen, er tot dusver niet in geslaagd is, in den
§ omvang van onzen overzeeschen handel merkbaar verandering te
Q brengen. De haven van Haniburg-(Koor?. Even dood als die
van Marseilles tijdens het Continentaal Stelsel, in de latere jaren
,‘ van het Eerste Napoleontisch Keizerrijk. Maar de havens van
F Groot­Brittanje zijn vol commercieele bedrijvigheid. Het cijfer
der in-en uitgaande schepen is groot genoeg om dit uit te wijzen.
"•
E