HomeDe eindexamens onzer Hoogere BurgerscholenPagina 50

JPEG (Deze pagina), 775.90 KB

TIFF (Deze pagina), 7.49 MB

PDF (Volledig document), 41.24 MB

/ § " _ ..
lx
47
Q ten zegen worden. Hoe armzalig de paedagogiek tegenover
de vakgeleerdheid in het gedrang gekomen is, bewijst wel
ll de Wet op het H. O. , waarin alléén eene bepaalde bevoegd-
j heid het recht op het rectoraat geeft. Wanneer zal men toch
j eens inzien, dat de man alles is, en het vak weinig? Jaren
en jaren lang heb ik mij aan zoo’11 uitsluitingssysteem ge-
l ergerd. Het lijkt wel, of de naïeve wet meent, dat we niet
l met jongens, maar_met klassieke geleerden te doen hebben.
j Mijn raad zoude zijn: Eisch eene breede algemeene ontwik-
j keling naast speciale vakkennis van iederen leeraar, en
j benoem dan tot rector of directeur hem, die de meeste waar-
j borgen biedt voor eene behartiging der seizoolbelangen, die
ik zooeven als absoluut onmisbaar schetste. In plaats van
jj hooge eischen aan de leerlingen, stelle men die aan de
leeraren en aan den directeur. Voor directeur zijn er slechts
weinigen geschikt; ik heb 1nij nooit vermeten, naar zulk eene
betrekking te solliciteeren, al zag ik tal van anderen het
stoute stuk bestaan, die lang niet altijd mijne meerderen «
j waren. Een directeur moet zijn een inderdaad uitgelezen
j man; zijn werk is vrij wat moeilijker dan het mijne.
j Waarom ik nu met mijn voorstel ben gekomen, is in de
. eerste bladzijden dezer brochure behoorlijk uiteengezet. Toch
j was er ook nog eene andere reden, en wel deze: Het tegen-
woordige stelsel loopt vast, omdat het thans bijna onmo- 1
gelijk is, 12 commissies bijeen te krijgen. De Wet van 1863
_ met haar Kon. Besluit op de eindexamens heeft nooit kunnen
voorzien wat gebeurd is, dat n.l. de toeloop tot de H. B. ,
Scholen en eindexamens zulk eene vaart zoude nemen. Toen
. ­ het aantal leerlingen gering was, kon veel ruggespraak
plaats hebben, en werden vele van de gebreken, die tegen-
. woordig steeds voel- en tastbaarder worden, door onderling
overleg, door bijwoning van elkanders examens, enz. opge-
heven. Thans, met die onmogelijke aantallen van examinandi,
waarbij de extraneï komen, van wie men niets weet, gaat