HomeDe eindexamens onzer Hoogere BurgerscholenPagina 18

JPEG (Deze pagina), 729.34 KB

TIFF (Deze pagina), 7.41 MB

PDF (Volledig document), 41.24 MB

Lg·»,_5.·. nn. . .. .. ir . . . ._ __ ,. _. 4¥ _ , ,. . _ E
1
E
15 I
onderzoek daarnaar totaal genegeerd den oneindig gewich~ Q
tigeren factor, wat zijne leeraren in dit opzicht van hem
` denken en omtrent hem rapporteeren, om alléén, zooals `
totnutoe, rekening te houden met den toch altijd min of
_ meer onbetrouwbaren uitslag van het examen? Laat mij het
` ronduit zeggen: ons eindexamen­reglement is, helaas! geba-
seerd op het beginsel van wantrouwen in, en
Wantrouwen.
dientengevolge scherpe controle van den onder-
wijzer, een wantrouwen dat nog altijd, tot groote schade
van ons onderwijs, ons geheele systeem van opvoeding (voor
zoover deze buiten het ouderlijk huis geschiedt) kenmerkt. Er
is geen ambtenaar, aan wien in onze wetten en verclere be-
sluiten bij zijn arbeid zóó weinig vertrouwen wordt geschon-
ken als juist aan den onderwijzer, al voeg ik er dadelijk
aan toe, dat in de practijk zooveel wantrouwen gelukkig
ongerechtvaardigd geacht, en dus tot een minimum terugge-
bracht wordt. Men versta mij wel: in de prcwtü/c, voor
eoover het publiek betreft, niet wat de leeraren tegenover
elkander aangaat. Immers ­- al verklaart leeraar A., dat een
jongen of meisje goed of voldoende is voor dit of dat vak,
docent B. van eene andere school gaat dat nog eens op zijne
manier onderzoeken, en komt (met schouderophalend voor-
bijgaan van A.’s oordeel) soms door zijn kortstondig onder-
zoek tot een geheel afwijkend resultaat. Ik heb mij vaak
afgevraagd, hoe zoo iets mogelijk is, en ik meen, dat het
antwoord alléén kan gegeven worden, zoo wij de historische
lijn volgen, en eene eeuw teruggaan. Hoe was toen de toe-
stand? De onderwijzer van die dagen was in vele opzichten
iemand, die zijne meerderen geheel naar de oogen moest
zien. Slecht gesalarieerd, moest hij als koster, klokluider,
organist (en wat al niet meer) zich bijverdiensten zien te
; verschaffen, en te dien einde de heeren, die over hem ge-
il steld waren, te vriend houden, en hunne zoontjes beoor-
deelen, zooals de papa’s dat het liefst hadden. Dit leidde
T