HomeDe eindexamens onzer Hoogere BurgerscholenPagina 13

JPEG (Deze pagina), 748.80 KB

TIFF (Deze pagina), 7.35 MB

PDF (Volledig document), 41.24 MB

J4X§§..L_L§__ . ,
vr
10
Vaartoe die zware arbeid, telken jare her-
Nuttelooze _ _ _ _
arbeid. haald, voor examinatoren en examinandi beide? [ ï
Waartoe commissiën benoemd, elk jaar meer I
dan eene ton gouds uitgegeven, inspecteurs met steeds
_ zwaarder te dragen verantwoordelijkheid belast? Waartoe
y allerlei ambtenaren in beweging gezet, werklieden lastig ge-
vallen, de posterijen met honderden brieven en groote pak-
ketten bezwaard, de jongelui in spanning gebracht en de
J ouders zenuwachtig gemaakt? Waartoe al dat geschrijf en
gerapporteer van cijfers; waartoe die ellenlange stukken in
K vakbladen van teleurgestelde examinatoren door min geschikte
i· onderwerpen, enz. enz. (waarbij de ijdelheid ook wel eene rol
[ speelt); waartoe eindelijk al dien omhaal, zoo kostbaar nu
al meer dan 40 jaar lang, wanneer men met al dat geëxa-
mineer eigenlijk niet anders bereikt, dan dat natuurlijk de
3 60 O/U bekende goeden worden toegelaten en de 20 O/0 bekende
onvoldoenden worden afgewezen, terwijl de 200/0 middel-
matige twijfelaars, om wie eigenlzjlc dl die nagenoeg ver-
geefse/ze arbeid wordt ondernomen, met dit resultaat aan
den strijd mededoen, dat velen hunner worden afgewezen of
toegelaten, waar hunne leeraren een gansch tegenovergesteld
p resultaat hadden verwacht. Stil - men bereikt toch ook nog -
wat anders, n.l. het constateeren eener ongelijkheid van
kunnen en kennen, de overtuiging van eenige dissonanten
jj in de beoordeeling en eischen der verschillende provinciën,
jc die echter zeer gemakkelijk worden opgelost in de schoone
{ harmonie der rechten, welke aan deze zoo verschillend be-
oordeelde jongelieden worden toegekend, zoodra zij met hun
, diploma aankloppen aan verschillende inrichtingen, die tot het
t maat- en wetenschappelijkleven voorbereiden. Door dit laatste
alléén reeds acht ik onze Eindexamens in hun tegenwoordi-
gen vorm veroordeeld. Er is echter meer. Ik weet, dat er in ë
mijne positie eenige moed toe behoort, om ronduit te spreken, {
maar ik waag het er op. Ik heb zooveel jaren lang de zaak