HomePer exprestrein... achteruit!Pagina 8

JPEG (Deze pagina), 894.20 KB

TIFF (Deze pagina), 7.61 MB

PDF (Volledig document), 30.58 MB

DE WET TAST EEN DER BESTE BEGINSELEN
VAN GEMEENTEBEHEER AAN.
Nu ik een debat ga beginnen over het wetsontwerp tot hera
ziening van de financieele verhoudingen tusschen het Rijk en de
gemeenten, geef ik er mij rekenschap van, dat mijn bestrijding van _
dit wetsontwerp niet zal leiden tot de verwerping daarvan. Ik
weet, dat het hier zal worden aangenomen en ik verwacht - men
moet op het ergste bedacht zijn - met groote meerderheid. Tegen
het slot van mijn rede zal ik trachten hiervan, en ook van het feit,
dat dit ontwerp in de Tweede Kamer is aangenomen zonder hoofa
delijke stemming, een verklaring te geven. De omstandigheid evena
wel, dat dit wetsontwerp aantast een beginsel, dat voor mij een
van de beste is, waarop de Nederlandsche wetgeving op het oogena
blik nog is gebouwd, maakt het mij tot plicht, voor dat beginsel I
te getuigen. Ik bedoel het beginsel van de zelfstandigheid der ‘
gemeenten in het vaststellen van de uitgaven, die het bestuur voor I
het gemeentelijk leven noodig acht, en in het vinden der passende
middelen om die uitgaven te dekken, uit belastingen, die met I
elkander zooveel mogelijk de draagkracht benaderen, en die de *
gemeente zelf kiest uit die, welke de wet in haar bevoegdheid stelt.
ZES PUNTEN VAN AANKLACHT.
Ik acht het aangewezen voor mijn betoog den vorm te kiezen
van een aanklacht tegen de Regeering, die dit beginsel met voeten
treedt, een aanklacht in zes punten.
Eerste punt van aanklacht: t g
De wet gaat in tegen het beginsel van belastingheffing naar !
draagkracht.
Gehuld in een mantel van de regeling der financieele vera ,
houding, brengt het wetsontwerp een noodlottige omwenteling in ï
het gemeentelijk belastingwezen. De omwenteling gaat in tegen l
het vrij algemeen beleden beginsel, dat in een rechtvaardig belasa l
tingstelsel er naar moet worden gestreefd de lasten te verdeelen E
naar draagkracht. j
Gehuld in een mantel. Immers het ware in het stelsel van dit 5
wetsontwerp, voor zoover het de regeling der financieele vera
houding betreft, zéér wel mogelijk, het essentieele er van te doen ;
aanvaarden zonder het wezen van het in Nederland historisch V
gegroeide gemeentelijke belastingstelsel te verkrachten. De
Regeering heeft, neem ik aan, begrepen, dat, indien zij er mede
gekomen zou zijn, aan de gemeenten de bevoegdheid te ontnemen {
6 ä
r