HomePer exprestrein... achteruit!Pagina 19

JPEG (Deze pagina), 1.03 MB

TIFF (Deze pagina), 7.58 MB

PDF (Volledig document), 30.58 MB

ar is: zorg te dragen, dat het stelsel van heffing aan redelijke eischen
fh van rechtmatigheid voldoet, zorg te dragen, dat de besteding der
.1C gelden, door belastingheffing verkregen, aan alle eischen van
m doeltreffendheid voldoet? Voelt de Regeering er niets van, dat
€* in een economische gemeenschap, als waarin wij leven, waarin
d* groote inkomsten deel zijn van weinigen, te lage inkomsten het
ie lot zijn van velen, het onmaatschappelijk is om van overbelasting
1C in den zin, waarin dit woord door 98 pCt. van wie het hooren
8* wordt opgevat, te spreken? Vijl toch ook voor deze Regeering
in de ongelijkheid der inkomensverdeeling wel aanleiding zou
ïë moeten liggen om bij toepassing van belastingheffing zich niet
W opzettelijk verder af te houden van het beginsel van draagkracht
Bï dan onvermijdelijk is.
al Deze aanleiding bestaat echter klaarblijkelijk voor deze Regee;
[1* ring niet. Hardnekkig heeft zij de opcentenheffing op de nieuwe
{8 Rijksinkomstenbelasting voor de gemeenten beperkt feitelijk tot
1C 80 pCt. Zij begrijpt wel en juicht dat ook toe, dat van de heffing
Ji? tot 100 pCt. niet veel gebruik zal worden gemaakt. In elk geval
¤* deed de Regeering al wat mogelijk was om te voorkomen, dat
ft van deze hoogere heffing, niet op een goeden grondslag van
l€ draagkracht, maar in ieder geval volgens een beginsel van draag:
kracht, zou worden gebruik gemaakt. De rekbaarheid, die er dan
lg wezen moet, moet, zegt zij, maar gevonden worden door de uit;
ill breiding van de opbrengst der personeele belasting. Hier schijnt
St voor overbelasting der niet of weinig draagkrachtigen voor de
ïl» Regeering geen gevaar. Wie zich echter nauwkeurig rekenschap
ë* geeft van de werking, die deze verhooging van de personeele
F6 belasting moet hebben, begrijpt, dat deze rekbaarheid niet veel
VP verder komt dan het papier van het wetsontwerp.
>r
Iï Vijfde punt van aanklacht:
1* De wet heeft de strekking om verdere ontplooiing van het
öf · gemeentelijke leven te belemmeren.
n
l€ Het is de wil van d.e Regeering, dat die rekbaarheid enkel in
3* schijn zal bestaan. Door het ontbreken daarvan wil zij de onta
YG plooiïng van het gemeentelijk leven beperken.
T1 Hier ligt de ware drijfveer van het wetsontwerp, althans van
F* het boos bedoelde in dit wetsontwerp. Het goede gedeelte er in,
11 wij zeiden het reeds, is de betere verdeeling van gemeenschapsa
bf lasten tusschen Rijk en gemeenten. Het slechte, het booze
lt element er in is de beperking van de bevoegdheid der gemeenten
H om voor stijgende of voor sterk stijgende uitbreiding van gea
€ meentelijke bemoeiingen, door haar bestuur noodzakelijk geacht,
17