HomeTwee achterlijke arbeidssystemen voor inboorlingen in Nederlandsch Oost-IndiëPagina 65

JPEG (Deze pagina), 844.99 KB

TIFF (Deze pagina), 7.29 MB

PDF (Volledig document), 56.19 MB

i
j. voon 1NBooRL1Nt;1£N IN NEn1ïR1.Ani>sc1r oosT­1N1>1iè 59
L . In verband met de in dit artikel gegeven cijfers, had dan
L J ook de Directeur (de heer Albert Thomas) van het B. I. T.
i {Bureau International du Travail) het volste recht in zijn
rapport voor de elfde zitting van de ,,Conférence Internatio-
j i nale du Travail", in 1928 te Genève gehouden, over de poenale
‘ sanctie te spreken (p. 247) als over: ,,vestiges de travail ser-
1 vile" dus Uoverblijfsel van slavendienst". Ook na zoo’n uit-
spraak van haar Directeur is het niet anders dan te ver-
wachten, dat het Bureau zich snel en afdoend met deze
aangelegenheid zal bemoeien.
§ 55. Reden tot bezorgdheid.
Of de Directeur zich over de snelheid waarmede Volksraad
en Regeering die poenale sanctie toen dachten te verzachten
) Q en af te schaffen, niet te blij maakte, (,,Nous sommes heureux
i g également de signaler que le Gouvernement aussi bien que le
j Volksraad sont décidés à réduire ou à abolir ces vestiges de
travail servile aussi rapidement que possible", zoo zeide hij)
i zal nog te bezien staan. Het is reeds een veeg teeken, dat de,
Nederlandsche Regeeringsvertegenwoordiger, de oud­minister
van Ijsselsteyn tegen deze voorstelling van zaken opkwam,
zoodat men op p. 10 van het beknopte verslag over de arbeids-
conferentie van den secretaris va11 de Nederlandsche afvaardi-
ging leest): ,,De poenale sanctie deelde hij mede, heeft weinig
T? met slavernij te maken. Zij is noodig om onontgonnen streken
in cultuur te brengen".
gi Er is te meer reden tot bezorgdheid, omdat de eveneens door
J Albert Thomas genoemde permanente arbeidscommissie op de
‘ Oostkust van Sumatra, die advies zal moeten uitbrengen, ook
i volgens de meening van een niet socialistisch bekwaam 2de
Kamerlid als Mr. joekes, eenzijdig is samengesteld. Trouwens
‘ uit hetgeen wij reeds over het oordeel van oud­minister Colijn
A en anderen meedeelden, blijkt reeds, dat machtige stroomingen
i trachten de poenale sanctie zoo lang mogelijk te besten-
_ digen.
§ 56. Internationaal de oplossing van het poenale sanctiepro-
T bleem urgent geoordeeld.
Maar juist daarom zullen internationale hulpkrachten van
. groot nut zijn. Dat die ook voor de naaste toekomst in Genève
ll
ri