HomeTwee achterlijke arbeidssystemen voor inboorlingen in Nederlandsch Oost-IndiëPagina 54

JPEG (Deze pagina), 878.18 KB

TIFF (Deze pagina), 7.30 MB

PDF (Volledig document), 56.19 MB

Y
i
l
48 TWEE ACHTERLIJKE ARBE1DssYsTEMEN
Blijkt uit het voorgaande al, dat de p. s. de ontwikkeling der
buitengewesten tegenhoudt in plaats van bevordert, dit blijkt l
ook uit het feit, dat Malakka bij vrijen arbeid geen tekort aan
werkkrachten heeft, terwijl de grootcultures op Sumatra on-
danks p. s. de laatste jaren steeds klagen, dat zij tienduizenden
contractanten noodig hebben, maar niet kunnen krijgen. Ook nu
doet Mr. Buffart dat weer in zijn jaarrede van 8 Oct. 1928, l
terwijl wij op p. 288 van zijn artikel, in 1927 in Kol. Studiën
gepubliceerd, lezen.:
,,dat er nog tal van uitbreidingsplannen zijn, waarvoor
kapitaal aanwezig is, en welke toch niet worden uitgevoerd.
Waarom? Omdat de noodige arbeiders niet te krijgen zijn.
Alleen reeds bij het Delische Emigratiekantoor was op 1 Mei
1927 het totaal van het aantal aangevraagde arbeiders opge- ii
loopen tot 52.400, met niet de minste kans om voorloopig een
belangrijk percentage daarvan te kunnen aanwerven. De werk- p
gevers klagen steen en been en geenszins ten onrechte; zij
krijgen geen voldoende arbeiders voor de reeds aangevangen
ontginningen; sommigen hebben daarom een verdere ontginning
reeds noodgedwongen moeten uitstel1en."
Als dan de heer Buffart laat volgen:
,,Hoe zouden dan wel de noodige arbeiders te vinden en te
behouden zijn, zonder het tegenwoordige arbeidsstelsel?", dan j
wijzen wij 1) naar ons bovenstaande betoog, 2) naar de Straits A
en Ceylon en 3) naar hetgeen Mr. Buffart 2 Nov. 1923 zelf als
lid van den Volksraad zeide n.1.:
,,Het minimumloon van den ongeschoolden arbeider ­­ het 8
loon dus, waarop iedere contractant ten allen tijde recht heeft
-­ bedroeg in 1919 35 cent, maar, omdat in dien tijd het loon op
java steeg - en zooals ik gezegd heb, de tegenwoordige con-
tractant op Java vraagt altijd al voor hij een contract aangaat
hoeveel loon hij krijgt ­- was het niet meer mogelijk om met dat
loon voldoende immigranten in Deli te krijgen. In Februari 1920
werden de loonen dan ook verhoogd tot 41 cent", waarna
dezelfde A.V.R.O.S.­·voorzitter iets verder vervolgt:
,,Tevens is een verdere verhooging ingevoerd, zoodat in No-
vember 1920 de loonen werden verhoogd tot f 0,55 en voor
de rijst f 0,20 werd berekend en toen ging de immigratie goed".
Wij herhalen: ,,en toen ging de immigratie goed". Wij zullen l
dus zien, dat bij afschaffing van de p. s., bij het dan hooger
li
1