HomeBetoog, ten geleide van het adres, in April 1859, gerigt aan de heeren leden van de Tweede Kamer der Staten-Generaal, en ten verPagina 16

JPEG (Deze pagina), 603.43 KB

TIFF (Deze pagina), 6.45 MB

PDF (Volledig document), 16.59 MB

lli
rerseliil, tusschen de Nederlandsche Loterij, en mijn Zedelijk-
nuttig operzbcecw Kcmsgenot, te worden gezien, om te be-
slissen, dat het eene rcedieaal slecht, het andere raclieaal goed,
is. De Nom vergenoegt zich intussehen niet met de eigen-
schap der Nederlandsche Loterij aan te wijzen, eem een
seclekuvzdiy oogpunt te regelen, zij wil ook te kennen geven,
dat myn stelsel de Zeclelejkheiel (onder anderen door middel
van het bijna onmogelijke, door kansberekcning) zou onder-
mgnenf »
De loten der Nederlandsche Loterij zijn voorwerpen van
, Loterij­handel, ­- en als zoodanig vatbaar voor privaat-speeu-
latie ­- vatbaar voor agiotage - vatbaar voor alle denkbaar
misbruik. .
In tegendeel zijn de bedoelde loten buiten bereik van privaat-
speculatie ­-­ van agiotage - van cenig denkbaar misbruik:
zijn de bedoelde loten bovendien, behalve in hunne uiterlijke
werking, onschadelijk ook (ten gevolge van de innerlijke
werking: dat is te zeggen, de vorming dier loten), buigzaam,
en geschikt om een heilzaam bestuur in de hand der Regering
j te stellen.
Dat parallel zal wel volstaan. llandtastelijk is het immers
l ook nog, dat de bedoelde loten geschikt, en dat die van de
bestaande Loterij onvermogend zijn, tot wering van de (niet
geringe, en steeds aangroeijende) vreemde Loterij­exploitatic.
'l`e vergeefs gaat die ]’om (en evenzoo ook steeds het De-
parteinent van lfinancienj de vreemde Loterij­exploitatie met
j stilzwijgen voorbij en zulks blijkbaar in de (ongerijmde) voor-
j onderstelling, dat verbod, en des noods wat strengere straf-
j bedreiging, dien last zouden vermogen af te weren. De ervaring
heeft echter, zoowel hier als elders, het onvermogen van verbod
i en strafbedreiging bewezen. Zoo zijn er dan ook sommige (en
l bekwame ~ aehtbare - uitmuntende) Vaderlanders, met name
l G. K. (Kraal VAN l1()(.iENl)(i)1{1‘ en llr. I).,Iï F()(`KE)I,, door
t wie mijne rmnzegbing van de be/we/le omtrent een u·e2·£ngsm£d<ZeZ
l niet zoo ligtvaardig in den wind is geslagen.