HomeOude wijsheidPagina 9

JPEG (Deze pagina), 704.54 KB

TIFF (Deze pagina), 8.73 MB

PDF (Volledig document), 21.04 MB

1
· a
’l
_ i
7
Het lot schonk aan den dwaas een middel dat hem dekt: j
Waar wijzen zamcnzijn hewaar’ hij slechts het zwijgen! ,
· Maar niet minder nadeel dan onwetenheid en dwaasheid brengt halve
kennis en oppervlakkigheid, zoo niet grooter:
Ligt is te leiden wie niets, ligter degene die veel weet, i
Halfweters wijst zelfs vergeefs Bralnna den weg van ’t verstand.
En met oppervlakkigheid gaat gemeenlijk eigenwijsheid gepaard;
kennis daarentegen leidt tot nederigheid, - eene stelling, uitgedrukt
in dit echt Socratiseh woord:
Toen luttel ik nog wist, ging ik niet trotsche schreden,
Een olifant gelijk, en dacht me alwetend reeds.
j Toen meer ik had geleerd, week als de koorts mijn hoogmoed,
‘ En zag ik spoedig in, hoe bitter weinig ’k wist.
Hoog wordt uit den aard der zaak tegenover het niet- en het half-
weten de ware wijsheid en wetenschap geroemd ('):
D De schat, die niet vergaat, niet wordt geroofd, maar aangroeit
· Naar gij hem meer verkwist, die schat heet wetenschap.
En wat is ook uiterlijke tooi in vergelijking niet geest en verstand?-
Den man, -­ zegt de dichter met eene teregtwijzing aan de snob’s
en swell’s van zijn tijd, ­-
Den man versiert geen parelsnoer,
Noch armband, rijk verguld,
Noch bloeinenkrans, noch balscmgeur,
gg Noch lokken, fraai gekruid.
ï Het woord, verstandig, krachtig, waar,
5 ls ’t siersel van den man,
i Dat, of al ’t andre ook ras verga,
Niet niet hem sterven kan.
Intelligentie, in den zin vooral van redelijke onderscheiding tus-
schen goed en kwaad, waarheid en logen, maakt dan ook zoozeer het
wezen uit van den eehten mensch, dat ook God zelf ze niet zou kuu-
nen verdelgen:
Brahma kan don zwaan verbieden,
Vrij te dartlen in het riet,
­ Hem ’t verschil van melk en water
Af te leeren, kan hij niet.
(*) Den laatsten regel van ’t oorspronkelijke, waarin gezegd wordt, dat de Vorsten
niet kunnen wedijveren met de Wijzen, meenden we hier veilig te kunnen weglaten.
. { /