HomeVedenstudiënPagina 77

JPEG (Deze pagina), 761.91 KB

TIFF (Deze pagina), 6.61 MB

PDF (Volledig document), 51.43 MB

DE ONBEKENDE GOD. G7
verloop tusschen de Vediselie periode en onze tegenwoordige,
maar een afgrond van eeuwen moet er liggen tusschen gene en
die dagen toen de mensch voor ’t eerst zich eene taal begon j
te vormen als middel om zijne meest eenvoudige, meest zinne- i
lijke gewaarwordingen kenbaar te maken aan zijne natuurge-
nootcn.
` De waarneming intussehen van een zoo hoogen graad van
j gecstontwikl<eling als wij onder anderen bij den dichter van den
l laatst mcdegedeelden zang aantreffen, leidt ons, wanneer wij
dien bij het standpunt vergelijken waarop zich andere Veden-
j zangers nog bevonden, tot eene laatste opmerking omtrent de i
é beschaving en in ’t bijzonder de godsdienst der Vedisehe Ari-
j ers in ’t algemeen. Zoomin namelijk als de verschillende dieh- »
l ters van den Veda zich allen op gelijke hoogte bevonden wat het .
j wijsgeerig denken betreft, en zoomin ook hunne gedichten op
'F één lijn kunnen gesteld worden wat de aesthetisclie waarde aan-
gaat, zoomin ook kan hunne godsvereering steeds gelijke hoogte
i. hebben bereikt en van hetzelfde nadenken de blijken dragen.
lin dit nu is almede een dier punten, die, naar ’t ons voor-
; komt, veel te weinig nog tot heden ook door onze meest ge-
l leerde Vedaverklaarders in ’t oog zijn gehouden bij het karak-
Q teriseren en beoordeelen der Vedische godsdienst. Over ’t algemeen l
heeft men, evenzeer als de lndiers zelven, ondanks alle betui- _
gingen van het tegendeel, in die godsdienst en in de oorkon-
l den, waaruit wij ze leerden kennen, een behoorlijk vastgesteld
en volledig ontwikkeld systeem trachten op te sporen en niet j
genoeg rekenschap gehouden met de eigenaardige verscheiden- `· .
l heden, waartoe de verseheidenheid der dichters zelven als nood-
{ wendig aanleiding moest geven. Vandaar almede eene groote i
l moeilijkheid in het juist en naauwkeurig omschrijven der gods-
dienstige begrippen en voorstellingen. welke wij in den Veda
verspreid vinden. lün vandaar ook tal van tegenistrijdigheden,
j die voor geen redelijke oplossing vatbaar schijnen. Nemen wij
i nu evenwel de bedoelde verseheidenlreid naar behooren mede in .
j aanmerking, dan verdwijnt ook ligt genoeg de vermeende strijd. .
- lloe, b. v., de menigmaal zoo regt zinnelijke natuur van lndra
l ook slechts eenigermate in overeenstemming te brengen met het
j verheven, dikwerf zelfs transeendente karakter van Varoena of
° het diepzinnige wezen van Agni? lloe ook wederom het in- .i
derdaad edele en grootselie in dien zelfden lndra met de on-
deugden. liem toegeselireven. en eveneens de menigmaal bekrom-
l ;·