HomeVedenstudiënPagina 70

JPEG (Deze pagina), 651.66 KB

TIFF (Deze pagina), 6.57 MB

PDF (Volledig document), 51.43 MB

I
l
l
60 vennnsrnnriàiv. .;
tijd behooren, zijn zij hier voor ons van geen onmiddelijk ge
ivigt. En voor ’t overige vertrouwen wij ook, dat na al de *
reeds inedegedeelde namen, de lezer niet bijzonder gesteld zal
zijn op de overlegging van eene verdere lijst, ’t zij dan van
oudere of nieuwere Veden-Deva’s, of ook van de bijzondere
bijnamen, die aan de reeds gemelden nu en dan gegeven worden.
Zoo noodzakelijk de kennis van dit een en ander ook zijn moge
voor hem, die zelf op Vedenstudie zich wenscht toe te leggen,
den lezer, wien het voornamelijk om een algemeen inzigt in de
zaak te doen is, kan dat alles slechts gering belang inboezemen.
Ook wordt het tijd, dat wij uit den mythologischen doolhof waarin
wij thans langzamerhand verdwaald raakten, den weg tot ons
punt van uitgang trachten terug te vinden.
lX.
DE ONBEKENDE GOD.
Onze eenmaal aangeleerde en sedert als voor altijd aange~
nomen mythologische begrippen staan ons bij de beoordeeling
van de verschillende godsdiensten dikwerf niet minder in den
weg dan onze theologische en wijsgeerige. Zoo ook hier. Nauw
toch hebben wij met zekere inspanning en, voor een oogenblik
_ althans, onze schoolbegrippen ter zijde stcllend, tot het eigen-
lijk karakter van een Varoena, Indra, Agni weten door te
dringen, en ons tot de erkenning bewogen gezien, dat deze en
dergelijke voorstellingen slechts de onderscheidene wijzen van
beschouwing van één en hetzelfde Vllezen vormen, of wij ge-
raken bij de kennismaking met de overige Deva’s weer in ver-
ivarring, en verbeelden ons nu, dat dan deze ten minste ge-
wone Goden warcn, zoo dan al ondergeschikte, in den echten,
ouderwetschen mythologischen zin. En zoo schijnt het poly- _
theïsme dan toch weêr voor den dag te komen, nadat het eerst
door een dieper, den denkenden mensch meer waardig begrip
verdrongen scheen.
Van het eenmaal bereikte standpunt echter valt de dwaling
in dezen ligt en spoedig genoeg te wederleggen. Wat toch