HomeVedenstudiënPagina 30

JPEG (Deze pagina), 646.19 KB

TIFF (Deze pagina), 6.65 MB

PDF (Volledig document), 51.43 MB

24 v1=;Dn:vsr1;1>riäN.
IV.
DE 1<0NïN<:.
Eene gansch andere liguur wederom dan Varoena is de derde
voorname persoonsverbeelding van den hemel. de hoog ook door
de Vedisehe Ariërs vereerde Indra. Dat hij, schoon gelijktijdig
met de andere vereerd, toch ongetwijfeld van jongeren oorsprong
is. mag hieruit worden opgemaakt, dat de naam van Varoena,
zoowel als die van Dyaus, ook bij andere Arischc stammen, als
de Grieken, teruggevonden wordt, en dus mede reeds afkomstig
zijn moet uit de dagen toen de verschill<·nde stammen nog on- T
" verdeeld in Azië zamenwoondcn, terwijl van lndra°s naam geen ‘
spoor in eenige andere rnytliologie wordt aangetrolIï·n, en hij
alzoo eene personiiicatie mag heeten. die uitsluitend aan Indie
eigen is, initsdien ook dagteekent van een lateren tijd. Wel
waarschijnlijk is het, dat hij laiigzanierliaiid den meer oorspron- l
kelijken Dyaus als hemelvorst verdrongen heeft: maar, dat hij i
ook werkelijk als zoodanig in de plaats van Varoena zou ge-
treden zijn, gelijk enkelen willen, is voo1· ’t minst zeer twij- I
felaehtig en uit den Veda zelven geenszins te bewijzen. Op-
merkelijk intussehen blijft het verschil van karakter de1· beide
l)eva’s. Varoena behoudt, ondanks al zijne zinnelijke attributen,
toch doorgaans een omniskcnbaar bovcnzinnelijken, meer alge-
meenen en abstracten aard. Indra daarentegen is door en door W
zinnelijk en een concreet, individueel wezen. Niet dat ook hij, `
als de boven alles en allen verhevene. onder den vorm van het *
natuurwezen ’t welk hij vertegenivoordigt, vereerde God, niet ‘
met al de gewone, welbekende eigenschappen der Godheid be-
kleed zoude zijn. Integendeel, hem ontbreekt geene van deze;
almagt, alwetenheid, alwijsheid. enz. Maar die eigenschappen
treden bij hein lang zoo sterk niet op den voorgrond: en, ter-
wijl bij Varoena de Deva als ’t ware zich in den eigenlijken
God verliest, schijnt bij Indra het godsbegrip voor een groot
deel in de voorstelling van den Deva op te gaan. En deze
voorstelling is het dan ook, welke uit een historisch en mytho-
, logisch oogpunt hem het meest belang verleent.
Met veel reden heeft men Indra bovenal eene echt nationale.
I