HomeVedenstudiënPagina 22

JPEG (Deze pagina), 724.82 KB

TIFF (Deze pagina), 6.59 MB

PDF (Volledig document), 51.43 MB

1
l
1 6 vmimvsrumiëx.
wone, zigtbare werking te omschrijven in diehterlijke bewoor- 4
dingen. j
lloe nu zal 111011 dit alles noemen? ls het nu 11og wel tl1e-
ïsine, gelijk het zoo aanstonds scheen, is het niet reeds een
soort van pantheïsme geworden, is het eigenlijk wel eene gods-
dienst of niet veeleer natuurvergoding en natuurdienst? YVij °
laten het antwoord aan hen over, die behagen scheppen in de j
klassiiicatie van alle godsdiensten der wereld onder zekere, `Y
vooruit vastgestelde of C1ll{(§l aa11 sommige ontleende, aan de
overige geheel vreemde en daarop niet toepasselijke rubrieken. 4
lliat seliromelijke verwarring overigens deze methode kan il
stichten, is het best waar te ne1ne11 uit de geschriften juist der
meest voortretlijke, doch elkaar voortdurend bestrijdende ge-
leerden, zooals Sclierer, Róville, Pietet, Roth, Plleiderer, Max
Müller en anderen, over de oud-Arische godsdienst. Met al l.
hunne uiteenloopende gevoelens kunnen wij ons thans nietna-
der bezighouden, doch vestigen alleen nog de opinerkzaarnlieid ii
op de merkwaardige resultaten, tot welke juist een (lG1' meest
nauwgezette en uitsluitend aan de \`€lïll'gGllOlll(3l1 feiten zich
vasthoudende schrijvers geraakt, 11l. Muir in zijn Original
Sanskrit Texts. Sprekende van de Vediselie voorstellingen
zegt hij: "'l`l1ese extraordinary representations reveal to us in fi
the Indians of the Vedic age a conception of the universe,
which was at once inystieal or sacramental, polytheistie and
pantheistic: everything connected with religious rites being
imagined to have in it a spiritual as well as a physical po- ‘ ·
tency; all parts of nature being separately regarded as inves- i
ted with divine power; ïll(l yet as constituent parts of one
great whole." l{orter en duidelijker kan de onmogelijkheid _
wel niet in ’t licht worden gesteld, on1, inet behoud van de ·'
nu eenmaal aangenomen methode, tot iets te geraken wat naar i‘
wezenlijke verklaring der 'Vedische godsdienst gelijkt. Doch 1
zien wij thans oi' de hier voorgedragen algemeene stellingen
al dan niet hare bevestiging erlangen in de meer bijzondere
Vedisehe l)eva-leer. Eerst na onderzoek Vïlll deze, zooveel L
noodig, zijn wij tot het opmaken van besluiten geregtigd, aan t
welke anders uit den aard der zaak geene waarde dan die V
van onbewezen verzekeringen e11 betuigingen kan worden toe- .
gekend. J
. v ..~,`v..­.,«,`~.` j
`