HomeVedenstudiënPagina 15

JPEG (Deze pagina), 662.40 KB

TIFF (Deze pagina), 6.71 MB

PDF (Volledig document), 51.43 MB

` DE venir. 9
nog het verkieslijkst van alles geweest: maar de vorm heeft toch
ook eenige eisehen, vooral bij de vertolking van liederen, wier
inhoud uit een oudheidkundig en historisch oogpunt wel is waar
de hoofdzaak blijft, doch wier menigmaal onmiskenbare diel1ter­
lijke verdiensten toch ook niet geheel behooren te worden voor-
bijgezien. YVant, dat aan VC1'S(ïll(¥i(l(§11C, schoon zeker bijlange
niet aan alle Vedenhymnen zoodanige verdienste werkelijk toe-
komt, zal bezwaarlijk ontkend kunnen worden door wie slechts
eenigen aesthetischen smaak bezit. Een eigenaardige soort van
poëzie voorzeker is het welke wij in vele van die liederen aan-
tretlen, maar poezie toch zonder twijfel, en eene ernstige, krach-
tige veelal, weinig of niet opgesmukt, niet met beelden over-
laden, arm soms aan beeldspraak zelfs, maar van daar dan ook
te natuurlijker en te minder gekunsteld, ware poezie derhalve
der natuur, reeds beschaafd genoeg om niet ruw, en niet te veel
` beschaafd om gezocht en gemaakt te zijn. Brengt nu eene ver-
taling die eigenschappen niet aan ’t licht, zij zelve, niet de oor-
spronkelijke dichter heeft daaraan schuld. .l‘]n, wel is waar,
soms moet de eene of andere uitdrukking of vergelijking ons
vreemd en te midden van een lotzang vooral zonderling schij-
nen: doch bedenken wij, dat wij hier diehtwerken vóór ons heb-
ben, die voor ’t minst een ouderdom van een dertigtal eeuwen
bereikten, dan zeker is er meer reden om ons te verwonderen
dat er niet veel meer, dan dat er nog zoo weinig in gevonden
wordt wat ons nu en dan eenigzins ongewoon en bevreemdond
klinkt.
I I'.
1) ic D E v A `s.
Traditionele en doetrinaire begrippen verhinderen ons niet
zelden een juist inzigt te erlangen in de godsdienstige bescha-
ving van andere, met name ook van oude volken. \'ij zijn nu
eenmaal gewoon, de godsdiensten te verdeelen in inonotheïsti-
sche en polytlieïstiseheg het monotheïsine onderscheiden wij dan
weder in theïsxne en pantheïsme; en eindelijk stellen wij na-
tuurdienst of natuurvergoding tegenover de vereering van een