HomeHet Middelbaar onderwijs voor meisjes in 1876Pagina 37

JPEG (Deze pagina), 801.60 KB

TIFF (Deze pagina), 6.87 MB

PDF (Volledig document), 28.98 MB

34
koud en onverschillig laten. Daarentegen, waar het verstand en
de faculteit om gevolgtrekkingen en. eombinatiën te maken meer
werkzaam moeten zijn, zoo als bg de beoefening van wiskundige
en natuurkundige wetenschappen, bg de aardrijkskunde, zooals
zg thans behoort te worden onderwezen, moet het meisje bg de11
jongen aehterblgven; wat voor hem aanstonds duidelijk is,zal door
haar eerst na herhaalde verklaring begrepen worden. Reeds in de
lagere school kan 1nen dit opmerken; jongens, die op ongeveer
twaalfjarigen leeftijd die school verlaten, hebben in de11 regel beter
begrip van rekenkunde dan meisjes van denzelfden leeftijd. Dit
zal ten gevolge hebben, dat men, bg de toelating van meisjes,
ten haren behoeve onwillekeurig het peil eenigszins zal verlagen,
of wel dat 1nen de meisjes eerst op hoogeren leeftgd tot de laagste
klasse zal moeten toelaten, dan met de jongens in den regel het geval
zal zgn. Bleef het daar nu bg, dan zou in het eerste geval het
verlies misschien nog kunnen worden ingehaald; maar juist het tegen-
deel zal het geval zgn; door 1ninde1·e geschiktheid voor wiskundige
studie zal de kloof al grooter en grooter worden; de meisjes zullen
dus bg de jongens moeten achterblgven, of de jongens zullen door
de tegenwoordigheid van meisjes in hunne vorderingen belemmerd _
worden, indien, zoo als te verwachten is, de leeraren eonscientieus
genoeg zgn om de vrouwelgke leerlingen niet aan haar lot over
te laten, maa1· zorgen, dat de vorderingen van de vluggere jongens
zich naar die der meisjes 1·egelen. Het gevolg hiervan zal zgn, dat
i de jongens, als zg eenmaal tot de 3c klasse zgn gevorderd, veel
minder van wiskunde weten dan thans het geval is;dit zal op hu11
vorderingen in de alsdan te behandelen natuurkundige wetenschappen
ook weer een nadeeligen invloed uitoefenen; worde11 de lessen in
natuurkunde eveneens door de meisjes bggewoond, dan zal dit
een nieuwe reden zgn, waarom het onderwgs ingekrompen en anders
ingericht moeten worden. Het is ook mogelgk, dat de meisjes,doo1·
ambitie gedreven, door groote inspanning trachten niet voor de
E jongens onder te doen; maar ’t is de vraag, of dit zonder groote
' schade voo1· ha1·e gezondheid zal kunnen gebeuren.
In de lessen van taal- en letterkunde zullen daarentegen de meisjes
gemakkelijk de jongens voorbgstreven; heeft men ze, uit hoofde
van mindere kennis van ’t rekenen, eerst op wat hoogerenleeftgd
toegelaten, dan weten waarschgnlgk reeds veel meer van taal-
kunde dan de jongens; ten gelieve van deze moeten zg dus weer
worden achteruit gezet, en de tegenwoordigheid van de jongens belet
haar zulke vorderingen te maken, als anders het geval zou zgn,
x r