HomeHet Middelbaar onderwijs voor meisjes in 1876Pagina 34

JPEG (Deze pagina), 745.54 KB

TIFF (Deze pagina), 6.94 MB

PDF (Volledig document), 28.98 MB

Bl
woorden. Nogtans werd in de Raadszitting de zaak zoodanig
voorgesteld, alsof ik eigenlijk geen tegenstander was en - de
vergunning werd verleend, zoodat mij niets overbleef dan in ’t
openbaar te protesteeren tegen de onjuiste uitlegging, door enkelen
aan mijne woorden gegeven. Te Sneek waren de Commissie van
Toezicht en ik het volkomen eens, dat de toelating van meisjes
niet wenschelijk was; ook daa1· bestond eene mcisjesschool voor
meer uitgebreid lager onderwüs, waarvan de hoofdonderwüzeres
zelfs met gunstigen uitslag examen voor middelbaar onderwijs had
gedaan; onze uitvoerige adviezen strekten dan ook o1n de zaak
` uitdrukkelük af te raden. Wat in den Raad daartegen is inge-
bracht, is een diep geheim, want - hoe ongeloofelyk het moge
schünen - de zaak werd in eene gesloten raadsvergadering behan-
deld en daarna besloten, dat de school evenzeer door meisjes als
door jongens kan worden bezocht!
Hoewel ik, na alles wat nu en vroeger door mg is gezegd over
de organisatie van middelbaar onderwijs, ingericht naar de behoeften
van meisjes van 12 tot 18 jaren, geen uitvoerig betoog behoef
te lGVO1‘G11 om de ondoelmatighcid van gelijk en gelyktüdig on-
derwüs aan jongens en meisjes aan te toonen, zoo wil ik toch
nog enkele der argumenten mededeelen, die m. i. daartegen kunnen
worden aangevoerd. Dat het de bedoeling van den wetgever niet
is geweest, de hoogere burgerscholen ook voor meisjes te bestem-
men, is doo1· den heer van IIUGENPOTH zoo duidelyk aangetoond,
dat daartegen niets scheen te kunnen worden aangevoerd, dan
,,dat de wet die toelating niet verbiedt"; doch ook van dit argu-
ment werd doo1· hem de OHl'1011(l.l)2l.2L1‘l10l(l duidelijk in het licht
gesteld; te recht plaatste hij eene uitdrukking, door den Minister
Tnonnnoicn zelven gebruikt bg gelegenheid van het voorstel der
heeren JoNoK1xLoEm en VAN KlERKVIJK on1 de oprichting van
middelbare meisjesscholen te bevorderen, op den voorgrond; die
Minister had namelijk gezegd: ,,Derhalve meen ik te mogen aan-
,, nemen: het is in confesso, het wordt door de geachte voorstellers
verkend: de middellzarc scbool voor meéayes moet iels azze/ws ace-zen dan
,,0% midclelóarc scheel, ivzgesleld en _qerz·g<·Zzl b§ de we! van 1863/°
(Economist 1871, pag. 1083 en volgg.)
Van meer gewicht echter dan de rechtskwestie is in mijn oog
de vraag, of uit een paedagogisch oogpunt de vereeniging van
jongens en meisjes va11 12 tot 18 jaar in de zelfde school wenschelijk
is? Dr. von REEKEN heeft in zijn bovenvermeld opstel duidelijk het
verschil in aanleg en bestemming va11 beide in het licht gesteld