HomeGedachten over het ontwerp van wet tot regeling van het Middelbaar Onderwijs van 6 Junij 1862Pagina 12

JPEG (Deze pagina), 640.71 KB

TIFF (Deze pagina), 6.98 MB

PDF (Volledig document), 26.48 MB

10
niet van toepassing spreken, al zij het dan ook in beperkten
zin? Die toepassing evenwel is van geheel verschillenden aard,
in telkens onderscheidene rigting. Bij de zuivere wetenschap
bestaat de toepassing in het gebruik der kennis, door bespie-
E geling verkregen, zoowel in het algemeen, als ook in bijzondere
gevallen juist bij de toegepaste wetenschap. Die uitkomsten
vormen hier den grond, waarop wordt voortgebouwd, en de ‘
toepassing van hare lessen vindt men in de onderscheidene
bedrijven der nijvere maatschappij. Men zoude ook hier het
karakter der twee takken kunnen gaan zoeken; maar bij het
onderwijs zelf ligt het meer voor de hand, en zal ook zuiver-
) der te voorschijn treden. ‘
Dit verschillend karakter nu openbaart zich zoowel bij dat
gedeelte, wat tot het middelbaar onderwijs behoort, als bij
hetgeen hier hooger onderwijs is, wanneer wij de bovengestelde
bepalingen behouden.
De ,, algemeene ontwikkcling" toch is, ten opzigte der
leerstof, bij het zuiver-wetenschappelijk onderwijs, die
kennis van de hier noodige wetenschappen, waarop het hier il
voor die ontwikkeling in het bijzonder aankomt, in zooverre i
als zij den geest het meest geschikt maken en het beste vormen, i
om later in staat te zijn, het hooger onderwijs te kunnen l
volgen. Bij het toegepastavetenschappelijk onderwijs is zij E
weder eene geheel andere, overeenkomstig met het doel, dat
hier op den voorgrond treedt; hier moet de leerling met die
kennis worden toegerust, die hem met het oog op de toepassing
van middellijk of onmiddellijk nut zal wezen. Ten opzigte van
den leervorm heeft daar het onderwijs hoofdzakelijk een ,
formeel, hier een reeel doel. Men wane nu echter niet, dat
het eerste idealisten, het tweede materialisten zoude moeten
vormen. Dit koude misschien het geval wezen, indien het ¤
l
{
l
il