HomeHoofden in school of niet?Pagina 2

JPEG (Deze pagina), 736.58 KB

TIFF (Deze pagina), 4.51 MB

PDF (Volledig document), 30.69 MB

gehalte geleken. Doch wat Frank aanbiedt, moet beslist
onder het slechtste wat van dien kant verschenen is, ge-
rangschikt worden. Men kan als tegenstander een respectabel
mensch zijn en werk leveren, dat als strijdmateriaal bedoeld,
als zoodanig wel onze sympathie niet heeft, maar toch van
andere zijde gezien, eerbiedwaardig is. lüchter Frank pre-
senteert zich in de wijze, waarop hij in de eerste helft van
zijn brochure over de ,,minderen" spreekt en hen aan het
publiek voorstelt als een` troep kwajongens, waarvan elk
verstandig mensch zou vragen, hoe ze toch in de school
gekomen zijn, en hoe het mogelijk is, dat ze er in blijven,
als een echte vlegel; terwijl hij in het tweede gedeelte,
waarin hij de waarde van het hoofdschap zal bepleiten,
een zeer groot tekort aan intelletueele gaven ten toon stelt,
met een ru.ime overschatting van eigen persoon in de
waardeering van eigen ambt aan den dag tredend.
Wie in den strijd alleen de uiterlijke_verschijnselen op-
vangt, zonder althans eenigermate door te dringen tot de
motieven, die het uiterlijke in beweging brengen; wie
daarvoor slechts persoonlijke gevoelentjes en beweegredenen
aanneemt, - is allerminst geroepen als geschiedschrijver
op te treden. En inzooverre ook pamiietten, willen zij
waarde hebben, niet ten eenen male van dat historisch
element mogen verstoken zijn, had Frank zijn pen niet in i
den inkt mogen doopen. `
Hij maakt van den strijd der klasse­onderwijzers een
straatrclletje, waarin de hoofden de slachtoffers zijn van
de baldadigheid van de kwajongens. Dat is zoo waar, dat
in de gansche schildering geen enkel waardeerend woord
naar de zijde van de onderwijzers te vinden is; iets, wat
het Afieawe Sckaalá/ad zelfs in zijn allerslechtste polemieken,
nooit verzuimt te doen. Al wat er in de hoofden van
boeren, burgers en buitenlui door toedoen van speciaal
de clericale kleine pers zorgvuldig is opgestapeld aan wan-
begrip, wordt door dezen schrijver als kersversch en doel-
treffend materiaal aan den man gebracht. Er ontbreekt
alleen aan, dat bij den laster, als zou de openbare school
in den dienst van het socialisme staan en den godsdienst
aanvallen, opnieuw exploiteert.
Voor hem bestaat alleen de onderwijzer-kwajongen, die
lijdt aan miskenning van de waarde van anderen,allereerst
van de hoofden, en daardoor van andere autoriteiten, en
aan een zeer groote mate van zelfoverschatting. Gelukkig
is hiervoor nog een verklaring te vinden:
.,VVaar is het, dat de aard van de betrekking aanleiding
geeft tot zelfoverschatting; in zijn klasse heeft de onderwijzer
altijd gelijk; hij is aldoor de knapste van ’t gezelschap; hij
beveelt en wordt gehoorzaamd en van ieder zijner diepzinnige
uitspraken wordt ernstig nota genomen. Tegenover de meening
van een ander, dat het anders moet, kan hij altijd volhouden,
dat het volgens zijn eigen 2/ra2·.rg0rzZ@'kc meening zóó moet: _ _