HomeLandbouw-vertegenwoordigingPagina 8

JPEG (Deze pagina), 887.83 KB

TIFF (Deze pagina), 7.04 MB

PDF (Volledig document), 24.93 MB

2 6 ’
‘ vatbaar, dat bijna gansch de vorige eeuw van regeeringswege en ook van
de zijde der Staten­Generaal veel meer werd gevoeld en gedaan voor den
handel dan voor den landbouw, dat als gevolg daarvan oneindig meer "‘
aandacht werd gewijd aan de groote steden dan aan het platteland.
Millioenen bij millioenen werden uitgegeven voor spoorwegen, kanaal-
en rivierwerken en waterwegen - alles ten voordeele van den groot-
handel, van de steden. Dit werd door de groot-handelaars in Rotterdam
; dan ook zoo gevoeld, dat toen voor 50 a 60 jaren de Hollandsche IJzeren tl ”
H Spoorwegmaatschappij de lijn van Amsterdam-Den Haag tot Rotterdam _
y en Rozendaal wilde doortrekken, die handelaars zich daartegen verzetten, _
,‘ uit vrees dat door het spoorwegverkeer de scheepvaart zou verlooperr '
Aan het belang, dat ook het platteland heeft bij spoorwegen, werd in
Rotterdam niet gedacht; als er spoorwegen zouden komen, moest aller-
eerst en alleen gevraagd worden of die spoorwegen voor den handel en
voor de scheepvaart al of niet nadeelig zouden zijn. Vel heeft de Re-
geering zich niet gestoord aan de klachten van den Rotterdamschen I
groothandel; de spoorlijn werd doorgetrokken niet slechts naar Roozen­
daal, maar ook naar Breda (de laatste bij de Spoorwegwet van 1860). 1
Evenwel kan ieder zeer goed weten, dat tot voor betrekkelijk korten
‘ tijd de aanleg en de exploitatie van de spoorwegen zoo waren geregeld,
dat alleen dat gedeelte van het platteland, hetwelk onder den rook der r
groote steden lag, daarvan eenig profijt had. Toen reeds een lange reeks I i H
. van jaren Amsterdam en Rotterdam door spoorwegen met elkander ware11 ,‘;`
verbonden en ook met het buitenland, miste men in Friesland, Groningen
en Drente tot 1864 iedere spoorwegverbinding; terwijl bovendien eerst o ‘
jg in de laatste 20 jaren allengs het platteland spoor- en tramverbindingen
i verkreeg.
9 Dat daardoor het platteland niet tot behoorlijke ontwikkeling kon '{‘
komen en niet in staat werd gesteld om bij een mogelüke crisis in den
5 landbouw met eenig succes aan de daaruit geboren moeielijkheden het
E hoofd te kunnen bieden - spreekt wel van zelf. Niet het minst, omdat, qj
E, ook afgezien van het verkeerswezen, er voor den landbouw van Regee-
E ringswege zoo goed als niets werd gedaan. Als het Rijk bleek voor de
j paardenfokkerij iets te gevoelen, dan was ten slotte de steun dien het ;
iz gaf, toch nog meer voor de remonte - om voor het leger goede inlandsche ·'
ä paarden te verkrijgen - dan wel omdat men daarbij de belangen van {
1C den landbouw op het oog had. j
k Het zou in een brochure als deze, waar van zelf de politiek is i
p uitgesloten, niet voegzaam zijn om nauwlettend na te gaan welke staat-
ä kundige partij voor dat verwaarloozen van de belangen van den land-
bouw en van het platteland verantwoordelijk is. Maar wel mag er ”
l op gewezen worden, dat de mannen, die in ’s lands Raadzaal leiding en c
ä, M