HomeLandbouw-vertegenwoordigingPagina 25

JPEG (Deze pagina), 758.71 KB

TIFF (Deze pagina), 7.17 MB

PDF (Volledig document), 24.93 MB

l ZITTING 1903-1904 - 12. I
j Instelling van lavzclbomwwelen. i
j ëävvïziën-ä«"1ïviä䧭`vIrn `wnr. J
j j No. 3.
. l / .
l
‘ J
l .
l WIJ WILHELMINA, BIJ nn Gmvrzn Gons, KONn<GxN nm;
i Nnnnataxvnmr, Parxsns van ORAxJE­N.assaU, nxz., Enz., Enz.
i Allen, die deze zullen zien of hooren lezen, saluut! doen te weten:
j Alzoo wü in overweging genomen hebben, dat het wenschelnk is landbouw-
raden in te stellen ·
j Zoo is het, dat ’WV§, den Raad van State gehoord, en met gemeen overleg
der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelgk Vij goedvinden
en verstaan bg deze:
i HOOFDSTUK I.
i Van nn raovnvcxarn LANDBOUXVRADEN.
j § 1. Samenstelling en werklcring van de provinciale landbozlzvraclen.
Artikej 1. 1. In iedere provincie is een provinciale iaädbouwraad gevestigd,
bestaan e uit ten minste elf en ten hoogste zeventien e en. ·
2. ontstentenis van een lid of iiïgeval een lid tusschentijds overlijdt of
_ aftreedt, wordt dat lid vervangen door zgn plaatsvervanger. Hetgeen in dit
hoofdstuk omtrent de leden van de provinciale landbouwraden is voorgeschreven
geldt, tenzij het tegendeel is bepaald, evenzeer voor de plaatsvervangende leden.
j 3. Bij algemeenen maatregel van bestuur worden, Gedeputeerde Staten ge-
r hoord, het aantal leden en de zetel van den provinoialen landbouwraad bepaald.
j Artikel 2. Leden van den provincialen landbouwraad kunnen alleen zijn in-
gezetenen dee Rgks, tevens Nederlanders, die noch bij onherroepeläk geworden
rechterlijke uitspraak de beschikking of het beheer over hunne goe eren hebben
verloren noch in gevangenschap of hechtenis zijn, den leeftijd van vüf en twintig
jaren hebben bereikt en hunne woonplaats hebben in de provincie.
Artilkel 3:1 1. De leden van den provincialen landbouwraad hebben zitting
voor en tijc van zesdjaren. __ __ _
2. Zij treden tegelijk af en zijn dadelijk opnieuw benoexnbaar. _
Zijd kàinjien te alän tijdedhun ontslag nemen; dit geschiedt door schrifte-
1 ij e me e ee ing aan en raa .
` Artikel 4. De provinciale landbouwraad:
ï zz. geeft zoowel op daartoe tot hem gericht verzoek als uit eigen beweging
{Li voorlichting aan den Rijkslandbouwraad, het provinciaal bestuur, de ge-
; meentebesturen, andere publiekrecliteläke besturen en de landbouwvereeni­
gingen in zijne provincie over alle op den landbouw aldaar betrekking
hebbende ot daarmede onmiddellijk verband houdende onderwerpen;
j b. kiest leden eirplaatsvervangende leden van den Bäkslandbouwraad;
, c. wijst commissien van beheer aan over Rijksbüdragen, ter bevordering van
L provinciale dandbouwbelangen toegekend, welke commissiën jaarlijks aan
g Onzen Minister, met de zaken van landbouw belast, verslag uitbrengen
j over het door haar gevoerde beheer. In ieder van die commissiën heeft van
i rechtswege als hd en voorzitter zitting een lid van den provincialen land-
lj bouwraad, door dezen aan te wijzen.
l
?
ä
F