HomeLandbouw-vertegenwoordigingPagina 11

JPEG (Deze pagina), 870.28 KB

TIFF (Deze pagina), 7.03 MB

PDF (Volledig document), 24.93 MB

te ontwikkelen en te beschaven, meer dan om den landbouw te bevorde­ i
1 ren - voerden de ,,heeren", de notaris, de kantonrechter, de onderwij­ 1
zer, soms ook de predikant, het hoogste woord, en de landbouwer, zoo
hij den moed had om lid van die landbouwmaatschappij te zijn en zich A
onder die ,,heeren" te voegen, mocl1t zwijgend toezien, 11oe zijn belangen l
werden behartigd door menschen .... die heel geleerd konden praten, 4
maar van den boerenstand, van de praktijk van den landbouw al heel
weinig begrip hadden. Die la11dbouwmaatschappijen stonden reeds daardoor A
verre achter bij de Kamers van Koophandel. VVant de handel was wel J
{ zoo wijs den regel te volgen, dat de schoenmaker zich bij zijn leest
heeft te houden, door n.l. geen landbouwers maar alleen handelslui toe _
te laten tot de Kamers van Koophandel.
Intusschen drong de achteruitgang in den landbouw de Regeering om ‘
toch iets te doen. In de jaren vóór 1877 beleefde de landbouw zün bloei-
tijd. De granen waren hoog in prijs en daardoor een winstgevend pro-
duct. De meekrap leverde zooveel op, dat menig landbouwer alleen van
de opbrengst van dit artikel zijn pacht kon betalen. Het was toen de j
tijd, waarvan 1nen in Zeeland - waar ik toen woonde - zeide, dat de i
Groningsche landbouwers zilveren parapluie-standaards hadden en dat il
hun paarden spoedig met zilveren gebitten en misschien ook wel zilveren l
hoefijzers zouden voorzien zijn. Doch de tegenslag kwam. Door den over- `
vloed van granen, die Amerika en ook Australië gaven, werd de graan- ‘
ti prijs laag. De meekrap-cultuur ging te niet door de uitvinding van een i
i nieuwe verfstof, die de meekrap verving. En nu werd wel gepoogd - I
2 ` hier en daar met goed succes - om in de cultuur van aardappelen en j
bieten en in den bouw van karwei, benevens in het meer zich toeleggen
I: op de veeteelt, een schadevergoeding te vinden, doch de achteruitgang
1 deed zich ettelijke jaren geducht gevoelen. En dit dwong velen om in
jl vergaderingen, in de pers, straks ook in ’s lands Raadzaal aan te dringen
Q op steun van de zijde der ()verheid.
Steun, maar welke steun en hoe dien te verstrekken ‘? Dit waren vragen, die
maar niet zoo dadelijk waren te beantwoorden. De Regeering zelve begreep
wel, dat er iets voor den landbouw moest worden gedaa11;maar wat en hoe
- dat wist ze niet en kon ze ook niet te weten komen van haar ambtenaren, .
die met de landbouw-aangelegenheden absoluut onbekend waren. De Re-
geering moest dus wel te rade gaan met de landbouwmaatschappijen en l
met hen, die hetzij in of buiten de Staten-G~eneraal als landbouw-specia- A
liteiten bekend stonden. En alzoo voorgelicht werden alle1·eerst maatregelen
i genomen 01n de landbouwers wijzer, knapper, meer ontwikkeld te maken.
l De Rijkslandbouwschool te Wageningen werd opgericht; landbouw­cur-
sussen werden, met steun van de Overheid, i11 het leven geroepen;
'S winterscholenl verrezen e1· hier en daar. Op zich zelve natuurlijk zeer
Ma

1
I