HomeIn de goede richtingPagina 23

JPEG (Deze pagina), 1.02 MB

TIFF (Deze pagina), 7.64 MB

PDF (Volledig document), 26.96 MB

juist de verdienste der Kommissie, dat ze dit punt in ’t midden laat; dat
was trouwens ook haar e­erste taak. Daarom kan d·e Grondwet niet
voorschrijven, dat beide soorten van o·nderwijs even deugdelik moeten
zijn. Deed ze -dit wel, en moest later de wetgever dit punt in een
organieke wet ·to·t zijn recht brengen, dan zou hij stuiten op de leer-
[ plannen van beide soort scholen, en van beide de goedkeuring door de
autoriteiten moeten eisen, hetgeen d·e vrijheid van richting voor het
biezonder onderwijs onmogelik zou maken. Mr. Tydeman neemt slechts
de s c h ij n aan, de Bevrediging te willen; inderdaad wenst hij de o·ude
.schoolstrijd te behouden; als een goed vrij-l i be- r a al is hij konser-
vati·ef. “ _
244 ak age
D·e houding hier te bespreken van andere personen, aangenomen of
waarschijnlik aan te nemen, tegenover de Bevrediging, zou te veel
ruimte vorderen. Toch willen we van de Kommissie geen afscheid nemen
dan na een woord van hulde aan wijlen haar voorzitter Dr. D·. B o s,
onder wiens leiding ze haar omvangrijke en veelzins voortreffelike
arbeid heeft volbracht. Hij moet iemand gew·eest zijn met een ruime
blik, getuige de woorden waarin hij reeds in 1905 op de Algemene
Vergadering van Volksonderwijs te Leeuwarden uiting gaf aan zijn
, opvatting der schoolkwestie: ,,Ieder wie het ernst is met z’n pedago-
` giese beginselen, gevoelt, dat deze ten slotte wortelen in de diepe
grond van wijsgerige en godsdienstige overtuigingen, die nu eenmaal
niet dez-elfde zijn in ons volk en niet dezelfde kunnen zijn."
En van de Partijen, in haar verhouding to·t de schoolkwestic, willen
we ten slotte de S.D‘.A.P. behandelen. Aan haar komt de eer toe, het
eerst d·e oplossing dier kwestie te hebben aangewezen, en wel reeds
in 1902 op het Groninger kongres. De aldaar aangenomen motie zullen
` we in delen splitsen om daarna te zien o·f de voorstanders dier motie de
resultaten, waartoe de Kommissie kwam, kunnen toejuichen.
_ In de eerste alinea vordert de Partij van de Staat algemeen verplicht,
kosteloos en voldoend lager onderwijs. Inderdaad laat de Kommissie
. het lager onderwijs uitgaan van de Staat, ook het biezond·er. Kosteloos
echter zal het, naar men zich herinneren zal, niet zijn; er wordt, al is
h·e·t oo·k naar het b·este st·elsel, schoolgeldheffing voorgesteld. En
_ , voldoend? Zeker nog niet, doch deze alinea reikt in haar eisen ook
over de Bevrediging heen, en de laatste doet ons ideaal stellig naderbij
komen.
_ ln de tweede alinea wordt als noodzakelike voorwaarde voor goed
/ onderwijs genoemd de verheffing van het peil der lagere scholen met
betaling aller kosten door en onder deskundig toezicht van de Staat. Zij
eist dus voor de b·iezondere school even goed als voor de openbare, ~
uitsluitende bekostiging door de Staat, h­etgeen ook de Kommissie wil. 1
Het deskundig staatstoezicht (de Kommissie wil de betrekking van t
schoolopziener tot een financieel onafhankelike hervormen, hetgeen
de mogelikheid van een ,,deskundig" schooltoezicht opent), ook op
d·e biezondere school, wordt verscherpt. p
De derde alinea willigt in beginsel de eis der arbeidende klasse van
­ godsdienstig onderwijs in, en wel op het motief, dat deze klasse dat
21