HomeHongersnood en hongerdoodPagina 4

JPEG (Deze pagina), 584.80 KB

TIFF (Deze pagina), 5.84 MB

PDF (Volledig document), 14.22 MB

mede dat door dat algemeen gebrek allerwege de voorraad
van den laatsten oogst wordt verbruikt, ja eel/`s op ve/e W
plaatsen ket zaaikoren niet gespaard kan worden. Maar
gesteld dat er nog kier en daar zaaikoren overblgft ,
wie verzekert ons ­- bg` volslagen gebrek aan oaden
voorraad -- dat er bg den aanstaanden oogst geen
misgewas denkbaar of mogelgk is , immers stonden den
3 fanä 1867 de landergen in de gemeente Tail, Waar-
denberg en Herwijnen nog voor ket grootste gedeelte on-
der water. Wie kan, wie dar/'t ons daarvan verzeke-
ren bg bet grawelijk Godonteerend misbrnik maken der
welige korenakkers tot andere doeleinden of winstbejag?
Het deze bedenkingen die ons in den koogsten
graad verontrnsten te meer nitkoofde de minister reeds
vroeger in de kamer verklaarde ,,dat bg eenen gewonen
graanoogst steeds ten aanzien van de rogge , de garst
en de boekweit een aanzienlijk te kort bestaat ," en bet nl
immers algemeen bekend is dat dat te kort moesten 4
bestrgden met ladingen uit Arekangel, Koningsbergen , J
Jilemel, Riga enz. Verder beeft de regering medege-
deeld: ,,dat de jeneverstokers jaarlgks kebben gebrnikt ·
33,196,746 Ned. ponden rogge en 19,098,373 Ned.
vonden garst." Terwgl uit bet blaadje nitgegeven door
bet genootsekap van zlfsekafging te ’s Hage N'. 16 Maart
1866 blgkt: ,,dat elk vat jenever 9 sckepels rogge ver-
slindt, dat is een bedrag waaruit 180 onde ponden
brood konden worden gebakken, en bovendien 1“',, mnd
garst, waarait 105 koppen gort kadden kunnen worden
. ä]