HomeDe schoolarts en de ziekten van het schoolkindPagina 9

JPEG (Deze pagina), 801.65 KB

TIFF (Deze pagina), 7.22 MB

PDF (Volledig document), 44.90 MB

äzï
gi
Q "
g Ziekten, veroorzaakt door onvoldoende hygiënische
· I · toestanden der school en door overmatigen arbeid.
Hiertoe behooren enkele oogziekten en orthopacdische
ág aandoeningen. De belcmgwjkste oogaandoening in dit
opzicht is wel de myopie, bvyzienclhcid, door sommige
schrijvers wel ,,8ChOOZb7äZt6‘7Zd]7,G7:d” genoemd. Tal van
onderzoekers hebben hun aandacht hieraan gewijd, en
zijn tot vrijwel overeenstemmende bevindingen gekomen.
Netolitzky (Burgerstein und Netolitzky Handb. der
li) Schulhyg.) vermeldt de uitkomsten van talrüke onder-
zoekingen, waarvan wü hier enkele zullen citeeren:
Srmeizn (Zeitschrift für Schulgesundheitspilege 1892)
onderzocht 6000 schoolkinderen, en vond bij 15% oog-
ziekten; hiervan waren 6,7% lijders aan büziendheid.
E; Morrius (Vierteljahrsschrift für öffentliche Gesund­ _?
,1 heitspflege 1890) strekte zgn onderzoekingen uit over
. 5000 leerlingen van gymnasia. g
E Q In de laagste klassen was ’t aantal lüders aan f’
,. büziendheid gering, in de middelste klassen bedroeg
§ ’t reeds 17% en steeg in de hoogere klassen tot 35% :
1 ‘i en 46 %. (In enkele inrichtingen constateerde hij W
L. zelfs 80%.)
Lnwnnmnnw, een Rus vond onder 2500 kinderen
der lagere scholen 6,7 %, der middelbare (meisjes) ”
scholen 7,7% en der gymnasia 26,2% lüdende aan
büziendheid. Op dorpsscholen zag hü minder büziend­
Et heid.; in de lagere klassen 1,4 %, in de hoogere A
evenwel 2,6%.
‘ Annan vermeldt ’t aantal bijzienden op ’t Theresianum
(een gymnasium) in Weenen; in de hoogste klasse
wisseld dit af tusschen 19% en 34%. -
Op de gemeente scholen van Parüs werd gevonden
_ bg de leerlingen van 7-9 jaar 1,9% bijzienden; van
,1
äë
ïi
ïï .