HomeDuitschlands groei en het Pruisische overwichtPagina 76

JPEG (Deze pagina), 889.92 KB

TIFF (Deze pagina), 7.30 MB

PDF (Volledig document), 84.27 MB

72
i diegenen, die arbeiders verhinderen, daaraan deel te nemen, of
zelfs dwingen zich van zulk een overeenkomst los te maken.
M.a.w, de pressie der ondernemers of hunne handlangers wordt
j door deze wet indirect goedgekeurd, zij loopen geen kans
i` wegens de Gewerbe­Ordnung met den strafrechter in aan~
-. ‘ raking te komen. Wanneer de arbeiders zich echter niet zorg~
vuldig binnen art. 152 der Gewerbe~Ordnung houden, die
` alleen stakingen veroorlooft, ,,tot verkrijging van gunstiger loon~
en arbeidsvoorwaarden" dan vallen zij onmiddellijk onder de
landwetten, niet onder deze rijkswet. De justitieele practijk,
vooral de Pruisische, heeft zulk een onbillijke rechtsspraak
. tot gewoonte verheven, dat de coalitie­vrijheid vrijwel schijn is.
en men met de uiterste scherpzinnigheid te werk moet gaan, om
· door de mazen van het net heen te kruipen. De rechtelijke
interpretatie van de wet heeft namelijk uitgemaakt, dat deze Y
coalitie~vrijheid slechts geldt voor bepaalde arbeidstoestanden ‘
in een bepaalde bedrijfstak op een bepaalde plaats. Bedrijfstak, 1
dus niet het geheele bedrijf, een bepaalde plaats, dus niet in
nabijliggende dorpen of in een geheele streek. Voor Neder~ j
landsche begrippen zijn deze wetten, meer nog hunne inter~ ï
. pretatie, buiten alle verhoudjng onrechtvaardig.
Pruisen verscherpte deze artikelen indertijd, als te zachtzinnig,
. door de wet van von Puttkamer (1886) waarbij zelfs iedere ’
stakende arbeider met straf bedreigd werd. zoodra hij een ander
door overreding tot staken zocht te bewegen. l
Zeer veel ernstiger is echter de toepassing van enkele straf~
wetsartikelen, die repressie tot het uiterste mogelijk maken.
Het ,,grober Unfug" artikel levert het wapen tot bestrijding
van elke meeningsuiting, waardoor b.v. onderkruipers tot het
verleenen van hunne diensten afgeschrikt konden worden.
§ 253 van het Duitsche strafwetboek, eenigszins met het
Nederlandsche artikel 317 overeenkomend, maar ruimer gesteld,
(wer, um sich oder einem Dritten, einen rechtswidrigen Ver~
mögensvortheil zu verschaffen, einen anderen durch Gewalt
oder Drohung zu einer Handlung, Duldung oder Unterlassung
nöthigt, ist .... zu bestrafen. Der Versuch ist strafbar), brengt
mogelijkheden voor den Duitschen strafrechter, die men er
nooit in vermoed zou hebben.
l Wederrechtelijk voordeel, in dit geval "Vermögensvortheil"
afdwingen, is toepasselijk verklaard op iedere actie voor loons~
_ verhooging, zijnde een ,,Vermögensvortheil", waarvan de weder~