HomeDuitschlands groei en het Pruisische overwichtPagina 61

JPEG (Deze pagina), 870.66 KB

TIFF (Deze pagina), 6.71 MB

PDF (Volledig document), 84.27 MB

...... ,... -,. ‘.,,, . ,.v,v .­·..~.. «~ · r- W ‘‘·‘` ’ " " Y wm`:'Y*~
57
geschikte beambten voor willekeur moeten beschermen. De be-
ambtendelikten worden zooals vroeger door de gewone straf-
rechtbanken volgens het gewone strafrecht behandeld. Deze
speciale ontwikkeling is noodzakelijk geweest, doordat de Prui~ l
sische en de Duitsche beambte, eenmaal aangesteld, een recht
op zijn ambt heeft, behoudens bij de wet voorziene gevallen,
er dus niet anders dan door gerechtelijke uitspraak van ontheven
kan worden, tenzij in het contract eene eenzijdige dienstop-
zegging door den staat voorbehouden is. (art. 2van het Reichs~ j
beambtengesetz). Bovendien is zoowel de Pruisische als ook de ·
Duitsche beambte dikwijls met groote macht, `gedelegeerde
staatsmacht, over de ondergeschikten toegerust. Theoretisch is
hunne positie dus zeer sterk, veel sterker dan in landen zooals
Zwitserland met zijn vele periodieke herverkiezingen, of zooals ‘
"{ Nederland, waar het recht op het ambt, behoudens eene kleine
jj uitzondering, niet wettelijk geregeld is. Practisch staan zij steeds
sterk tegenover den niet~ambtenaar. Bij geschillen kent de ambte~ j
I; naar geen ongelijk, zijn gezag wordt tegenover den burger
steeds en overal gehandhaafd.
E ` Dit corps is door de algemeene Duitsche eerzucht en op~
. ‘ klimmingsdrang sterk aangegrepen. W
’· Het dienstboekje, dat elk ambtenaar op zijn levensweg ver~ i
gezelt, de conduite~staat is een van de middelen, waardoor het {
. carrière~maken geregeld wordt. De staat verlangt van zijne
¤
· beambten, dat deze niet alleen in den dienst, maar ook daar~
I buiten hun leven volgens ,,Ehre und Sitte" voeren. De discipli~ ï
naire straffen: waarschuwing, berisping en geldboeten zijn nog 1
te onderscheiden van de terechtwijzingen, vermaningen of standjes, ,
die een chef aan zijne ondergeschikten ambtshalve mag uit~
deelen; bij de eerste moet de schending van den dienstplicht,
die daartoe aanleiding gaf, openlijk medegedeeld worden, terwijl ,
bij de tweede categorie zulks niet noodig is. De conduitestaat <
echter omvat het geheele gedrag van den beambte. Het kan l
gebeuren, dat een ongunstig oordeel de carrière breekt. Is dit 2
openbaar, dan kan men er tegen in beroep gaan bij de disci~ f
plinaire rechtbanken, is dit geheim, dan valt er niets tegen
_ te doen. j
Eene bijna tragische werking heeft een zeer onschuldig uit~ ·.
ziend artikeltje over de bevoegdheden der regeering, een zinnetje,
waarvoor het geheele beambtencorps beeft, en dat nameloos {
veel verdriet en ellende in zijne gelederen veroorzaakt heeft, Z
l