HomeDuitschlands groei en het Pruisische overwichtPagina 51

JPEG (Deze pagina), 933.16 KB

TIFF (Deze pagina), 7.03 MB

PDF (Volledig document), 84.27 MB

_ 49
wordt ; alleen als Bondslid, als souverein vorst van Pruisen. s
S eene = Toen Bismarck in 1866 het geheele Grondwetsontwerp voor |
¤ eerst ` den Noordduitschen Bond uitgewerkt had, wilde hij daarin voor~
· süpte i namelijk twee punten, twee groote gebreken van den vroegeren I j
Duitschen Bond vermijden: de krachtelooze positie van den ·
Idool- Bond, zoodra hij naar buiten moest optreden, en de onmogelijk~ «
in de _l heid om zelfstandig den binnenlandschen bloei en welvaart te l
< gene [ bevorderen door nuttige sociale instellingen. Met één penne-
nde r streek werd door hem aan die gebreken een einde gemaakt: r
Orden ;_ het praesidium van den Noordduitschen Bond werd den Koning
rond, van Pruisen opgedragen en daarmede al de bevoegdheden welke ;
Omen den Bond met zoo groot gezag zouden bekleeden. Van de tal- 1
vazen looze voorstellen van de gevolmachtigden der andere staten nam
Ver, Bismarck weinig notitie, slechts enkele werden overgenomen.
; met Begin 1867 namen de afgevaardigden het ontwerp, dat aan `
nocht Pruisen de grootste macht, zoowel in diplomatisch en militair
rdenr opzicht als in het binnenlandsche bestuur verzekerde, aan.
tpastr In 1871 bleven deze bevoegdheden in nog meer uitgebreiden · .
hm"' vorm den Koning van Pruisen voorbehouden, ondanks de tal·­
Naar rijke voorstellen der verschillende staten tot verandering van de
3cht_ T; grondwet, welke voor die verhandelingen als basis had gediend.
1 Op * Alleen aan Beieren werden eenige concessies gedaan. De
S dit A Koning van Pruisen werd dus ook in het Duitsche Rijk als l
Sch;] Bondspresident de machtigste van alle Bondsleden. Als zoodanig
r bekleedt hij (d.w.z. zijn gevolmachtigde) het voorzitterschap, ·|
Vrij ° voert het ,,praesidum", en als zoodanig, als Pruisisch afgevaar~ j
Ende Q digde,.brengt hij zijn zeventien stemmen uit, als Pruisisch afge~ lj
_ vaardigde dient hij wetsontwerpen in. lj
:rr€_ _ Door de ontwikkeling van het Rijk zijn echter voor de specifieke _ ·
tuur rijksbelangen langzamerhand eene reeks van rijksministeriën
acht voor de rijkshuishouding, met een heirleger van rijksambtenaren, i
‘ geschapen moeten worden. Talrijke wetten moesten ingediend ,
Dr€_ worden, welke geen specifiek pruisische voorstellen meer genoemd
iaar rjl konden worden. Deze wetten werden niet meer ingediend van-
:,m_ fj¥ wege den Koning van Pruisen, maar namen een zelfstandige jl
,Cr__ s plaats in als ,,Präsidialanträge'°. door den Rijkskanselier, als
dan minister des Keizers, ingediend. Het onderscheid is van het ë
L allergrootste belang, omdat niet de Pruisische beambten, ook '
,dC_ niet de beambten van eenig anderen bondsstaat, maar alleen ?
grs, de rijksbeambten met al hunne bevoegdheden nu ter zijner be-
rm., schikking staan en de speciale rijksbelangen behartigen.
Duitschland's Groei. 4 l
j l
ä ij