HomeDuitschlands groei en het Pruisische overwichtPagina 23

JPEG (Deze pagina), 896.22 KB

TIFF (Deze pagina), 6.83 MB

PDF (Volledig document), 84.27 MB

. ,Y N _<`` W
1
21
i rechten overgegaan.· Daaruit is langzamerhand die" verbitterde '
stemming over en weer ontstaan. Het eene land wilde het
andere tot matiging van zijn tariefeischen brengen, er volgden
de ,,tarief-oorlogen": sluit gij in uw land mijn afzetgebied, dan
sluit ik in mijn land het uwe! Deze strijd is tusschen Duitsch- j
land en Rusland zeer scherp geweest, werd door een overeen- J
W komst in 1894 tot stilstand gebracht, maar werd begin 1914 2
weer geopend. Ook met Spanje voerde Duitschland een tarief- ,
oorlog, zoo vochten Zwitserland en Italië met Frankrijk, Amerika j
met Europeesche afnemers, zoo volgden ook de onafhankeiijke
, Engelsche kolonies eenzelfde politiek. Steeds grooter kringen
{ met steeds veelvoudiger belangen werden er in betrokken. Zoo
L b.v. de spoorwegmaatschappijen, die de concurrentie in sommige
V vrije artikelen, aan enkele streken onwelkom, weten te fnuiken, J
` door abnormaal hooge vrachttarieven náár die streken, zeer
lage vervoerkosten vanuit die streken. Op elke wijze verkrijgen
handel en transport bij dit manoeuvreeren geldelijk belang.
Evenzoo gaat het met de zeevaart. Talrijk zijn de finantieele
" verhoudingen, waarin producenten en landtransportlichamen tot
’ stoomvaartlijnen staan. En uiterst ingewikkeld zijn de handels-
I verhoudingen geworden tegenover de verschillende staten, die
een reeks van maximum- en minimum-tarieven kennen, welke
op autonomie of op reciprociteit berusten, van vergoedingen, ­
of terugbetaling in den vorm van exportpremies, van uitzonde-
» ringstarieven, speciale reciprociteitsvoorwaarden, zoowel lage
ä,-~ als hooge, de laatste voornamelijk als wapen in den tariefstrijd
bedoeld, welke alle nog ingewikkelder gemaakt kunnen worden
door de meestbegunstigingsclausule, welke eerst na aanwending `
onverwachts vóórdeelig of nádeelig voor derde partijen blijkt
te zijn. Dat er niets zoo fnuikend voor een gezond productie- _
l en handelsleven is, als gebrek aan stabiliteit in de voorwaarden A
waaronder geproduceerd of vervoerd wordt, is duidelijk. Heel
’ het wereldleger van linantieel daarbij belang hebbende personen
l wordt bij plotselinge veranderingen ineens in actie gebracht.
j Allen zoeken de schade àf te wentelen of àf te koopen, een ‘
E heirleger van fabrikanten, kooplieden, spoor- en stoomboot- ï
ç autoriteiten en van rechtsgeleerden moeten weder een uitweg
E zoeken. .·
j Het verschil met de gewone concurrentie is dit, dat dáár
particuliere ondernemers tegenover particuliere ondernemers staan, `
hier echter de staat zelf optreedt en door zijne politiek reus- j
l
E l
E
ï i
al '