HomeDuitschlands groei en het Pruisische overwichtPagina 11

JPEG (Deze pagina), 867.71 KB

TIFF (Deze pagina), 6.80 MB

PDF (Volledig document), 84.27 MB

9
principieel een beschermend stelsel, dus toen wendde Bismarck
zich tot het centrum, hetwelk, onder bijvoeging van de Fran~
kensteinsche clausule (terugbetaling aan de Bondsstaten van de
opbrengst boven een bepaald maximum, berekend per hoofd der
bevolking en een bepaalde bondsstaatbijdrage per jaar aan de
rijkskas) met behulp van de rechterzijde en eenige nationaal~
liberalen het wetsontwerp erdoor dreef met een vrij aanzienlijke
meerderheid. Duitschland verkreeg zijn beschermende rechten,
Bismarck de daaruit voortvloeiende baten als voornaamste steun
voor de hervormingsplannen ·-· maar . . . hiermede vangt ook
het sterk steunen op het centrum aan; ·-· bovendien werd het
beoogde doel niet bereikt. Tot op den huidigen dag hinkt het
Rijk op een mank belasting~stelsel. Deze inkomsten waren namelijk
_ niet voldoende, telken jare moesten de Bondsstaten met hunne
‘ bijdragen het ontbrekende bijpassen. De door Bismarck ver~
langde Hnantieele onafhankelijkheid van de Bondsstaten werd
voor het Duitsche Rijk niet verkregen. Ook heeft dit systeem
den weg geopend tot de tallooze onbillijkheden, waartoe geld~
nood en eigenbelang bij zulk eene politiek te licht leiden. Groepen
belanghebbenden, welke hun voordeel zagen in een hoogere
belasting van een of ander artikel, wisten al spoedig de regeering
te overtuigen, dat het in 's lands voordeel zou wezen, wanneer
op deze wijze de inkomsten wat gestijfd werden. En zoo groeide
het ingewikkeld net der beschermende rechten, waar grondeige~
naars en industrieelen in hooge mate van geprofiteerd hebben.
Grondeigenaars . . . maar in veel mindere mate de landbouw,
en wel op tweeledige wijze.
De sterke prikkel, die er in ons land na de groote landbouw-
krisis in 1875 bestond, om zich door de moeilijkheden heen te
slaan door de verhoogde krachtsinspanning, vooral door inten­
sievere kultuur, waaraan onze schitterend ontwikkelde tuinbouw
zijn vlucht te danken heeft, ontbrak door die hooge invoerrechten
ten eenenmale. Achter hun veiligen tariefmuur dommelden de
grondeigenaar_s rustigjes verder. Het land bracht te weinig op,
zeer zeker, de graanprijzen waren te laag, maar een groot con-
currentieloos afzetgebied was hun verzekerd, waar nu met de-
zelfde moeite de hooge prijzen hun een batig saldo verzekerden.
Duitschland moet in zijn grondverdeeling in twee groote helften
gescheiden worden: eene noordelijke en oostelijke helft: Pruisen,
Saksen, waar groot~grondbezit overwegend is, en eene westelijke
en zuidelijke helft: Rijnprovincie, Baden, Würtemberg, Beieren,