HomeOver historische levensidealenPagina 21

JPEG (Deze pagina), 859.20 KB

TIFF (Deze pagina), 8.32 MB

PDF (Volledig document), 34.68 MB

· A "‘ `¥
ë
19
Dit contact is trouwens volstrekt niet secundair. Want i
de ridderdeugd zelve is in den grond niet slechts
altruïstisch, maar ascetisch. Die ascetische grond
openbaart zich duidelijk in de zonderlinge, barbaarsch
uitziende riddergeloften, zich rust of gemak te ont~
zeggen totdat een bepaald heldenfeit zal zijn volbracht.
Deze geloften verraden hun primitieven oorsprong o.a.
in de groote rol, die haar~ en baarddracht daarbij
spelen; denk maar aan Lumey's gelofte, een der
laatste uitloopers. Zij hebben tezamen met de gods~
dienstige zelfkastijding een gemeenschappelijken wortel
ver buiten en voor den groei der christelijke kerk. j
Maar het ascetisch karakter van den ridder ligt niet
alleen in die geloften. De dapperheid zelf is de primi~
tieve vorm der ascese: de eerste zelfverloochening,
.j de eenvoudigste zelfopoffering, overwinning van het
f natuurlijk egoïsme en het onmiddellijk levensbelang,
‘ de elementaire deugd, virius, die vroeger geboren
wordt en langer haar waarde behoudt dan alle andere
vormen van ascese.
De ware ridder is een wereldverzaker. jacques de
Lalaing, 15de-eeuwsch modelridder, wil zijn erfrechten
op een jongeren broeder overdragen, ,,car tout son
vouloir sy estoit de s'en aller user sa vie et exposer
son corps au service de nostre seigneur, et de soy
tenir en frontières sur les marches des infidèles, sans
jamais plus retourner par deça." ‘5)
Het is die diepe trek van zelfopoffering, welke
maakt, dat het ridderideaal zich zoo licht geheel ver-
geestelijkt "), de vergeestelijking, die zich voltrekt in
het opstijgen van de troubadourspoëzie tot Dante's
Vita nova. Toch wortelt juist die zelfopoffering in
den diepen erotischen grond van het ridderideaal.