HomeOver leger en plaatsvervangingPagina 27

JPEG (Deze pagina), 745.52 KB

TIFF (Deze pagina), 6.87 MB

PDF (Volledig document), 40.46 MB

25
In de eerste tijden oefenden zij den landbouw uit; en
toen men, tijdens de burgeroorlogen, buiten de militaire
, kaste trad, zullen de gescbiedschrijvers u zeggen dat het
leger verzwakte.
De zwarigheid, weet gij waar zij is, en daarin zijn
onze wetten bewonderingsvvaardig en bewonderd, (de P
wijze van plaatsvervanging laat ik ter zijde) het is omdat
zij de noodzakelijkheid , om de militaire dienstpligtigheid tot
ieder uit te strekken, hebben weten te vereenigen met
het bestaan der krijgsmagt als eenen bijzonderen stand.
Hoe geschiedt dit? Alle burgers worden opgeroepen
om een soldaat te leveren; maar zij , wier karakter hen
niet doet overhellen tot de krijgsdienst, die niet voor
haar geschikt zijn , worden vervangen door hen , die lust
in den krijgsstand hebben.
Zoo blijft de last gemeen aan allen, daar ieder geroe-
pen wordt een soldaat te leveren, terwijl de plaatsver-
vanging toestaat aan hen die neiging tot den krijgsstand
hebben, de plaats van hen, die ze niet hebben, in te
nemen. ­,
_ Zoo komt men tot een gedwongen dienst voor allen,
­ met eenen bijzonderen dienst voor hen die daartoe lust
gevoelen. Zoo wordt de krijgskunde een speciaal vak;
zonder specialiteit heeft men nimmer een leger. Is er
sprake van zeemagt? In Holland, in Erzgelmztl is het
een speciaal vak; in Fran/rr·g?jk ook. I
Er is ééne uitzondering. Bij groot gevaar, wanneer de
publieke orde wordt verstoord, is ieder man soldaat.
Maar daar buiten moet het een speciaal vak zijn; ziedaar
het ware, ziedaar wat de staatkunde en de wetenschap
den staatslieden leert.
Welnu, de wijsheid en de grootheid onzer wetten
bestaat in het zamensmelten der twee voorwaarden:
i dat de militaire dienst noch het privilegie eener kaste,
noch de bijzondere verpligting van enkelen zij; dat zij
een last zij voor allen, maar daarnevens de plaatsver-
vanging voor den man die daar roeping toe gevoelt.
Ik spreek niet van de wijze, die door den staat zal
worden vastgesteld, maar van het beginsel.
Wat vindt gij, daarentegen, bij het tegenovergestelde
stelsel? Gij vindt er de onderdrukking der standen, die
opgeleid worden tot wetenschappelijke vakken; gij vindt
` I . T