HomeScheepvaart- en handelsnood; veroorzaakt door de afsluiting van het IJ bij Schellingwoude en de bezwaren, daaruit voortvloeijendPagina 6

JPEG (Deze pagina), 463.21 KB

TIFF (Deze pagina), 3.35 MB

PDF (Volledig document), 8.02 MB

i` 4
l
vroeger door den heer Jaski was betoogd, dat na de °
j afsluiting van het IJ het aldaar een dok of stilstaand l
water zou worden, waarop geen deining of golfslag ‘
kon bestaan. ’
Nadat in de laatste vergadering op 15 Nov. jl., 1 `
i waarvan de VelEd. heer H. J. Ort, Hoot`d·ingenieur l
i van den Waterstaat, `Voorzitter was, door den WelEd. E
; heer Wichers was gerapporteerd, het aan ZEd. bij een ä
I onderzoek was gebleken, dat de Directie der Amster- t :
' damsche Kanaalmaatschappij maar slechts voor een ‘
I gedeelte had voldaan, aan hetgeen hun vroeger was {
aangegeven , en de heer Jaski dit eerst eenige dagen te ‘
voren ook alzoo had bevonden en den WelEd. heer
Hoofd­ingenieur dit insgelijks bekend was, werd door ‘
den VVelEd. heer Ort aan den WelEd. heer Jitta als Z
President van de Directie der Amsterdamsche Kanaal- 1
maatschappij gevraagd, wat hun verder plan nu was O ‘
om te Zalen maken. Toen de heer Jitta, President der X
Directie van de A. K. M. het stilzwijgen hierop be-
waarde, verzocht Jonkh. Rutgers van Rozenburg hierop J
l te mogen antwoorden, hetgeen door ZEd. toen werd ‘
gedaan, en zoo ik vermeen als in hoofdzaak het vol- ‘
gende is geweest: _ ‘
1. In sierlijke bewoordingen werd door ZEd. mede- 1 '
gedeeld, dat van dat de sluizen op 18 Maart jl. voor i 1
de scheepvaart geopend zijn geweest, niettegenstaande E
er toen reeds vele dnizende schepen waren doorgevaren, ‘
aldaar om zoo te noemen, nog geene averüen waren 1
voorgevallen; 2. en dat de Maatschappij geheel onver­ 4 _
pligt was geweest, om voor de sluizen tot beveiliging ‘
der scheepvaart iets te laten maken; 3. dat, hoezeer t
onverpligt, de Directie evenwel had goedgevonden er · 1
datgene te laten maken, wat nu bestond; 4. dat het