HomeHet jaar 1813 en zijne gloriePagina 24

JPEG (Deze pagina), 597.77 KB

TIFF (Deze pagina), 4.98 MB

PDF (Volledig document), 15.27 MB

u
E
22
van het vreemde en bekrompen geringschatting van
wat buiten onze grenzen goed is, gepaard aan die
onberedeneerde verheffing van het eigene en ver-
goelijking van eigen fouten ­­- wat alles deze
. wezenlijk verheven deugd in discrediet heeft ge- V
bracht. En niet slechts ontbreekt er nog altijd, in i
’t algemeen, aan die gerechtigheid, die een volk ;
verhoogt, maar, terwijl wij de boeien der vreemde l
overheersching hebben afgeschud, dragen wij het
zwaarder juk eener averechtsche vrijheid, de
caricatuur der zelfstandigheid, van die weerbarstige {‘
tuchteloosheid, die parmantige ongemanierdheid, van f
dat juist anders doen dan orde, wet en fatsoen
i voorschrijven, waarom wij bij den vreemdeling 4
berucht zijn en waarvan hij in zijn reisverhalen Q
ë huiverend verhaalt. Dit en zooveel meer te over-
j wegen zal ons den dienst doen, dien de bekende
l slaaf bewees bij den triomftocht der Romeinsche Q
j keizers: ons voor hooggevoelendheid bewaren. l
· Hier, mijne hoorders, zijn wij aan de grenzen van
Q ons gemaakt bestek. Want zullen wij het nog wagen _ l
i in de toekomst te zien? Alle ijdel pogen ware be-
l neden uw aandacht. Maar zeker is, dat altijd en gi
E overal een volk voor zijne vrijheden, voor langs
2 eigen banen geleide stoffelijke en geestelijke ont- 3
; wikkeling, niet allereerst den buitenlandschen vijand `
te vreezen heeft, maar veeleer die inwendige ver-
. deeldheid, die hardnekkig het eigene, het gedeeltelijke _
blijft stellen boven het algemeene, het allen om- ¢
j vattende. Den sluier der toekomst licht niemand _
T op. Maar altijd zal hij het gerustst mogen opzien naar
de vlag, welke onze éénheid af beeldt, die het eerlijkst ‘
streeft naar een eendracht, welke, ieders inzichten
en sympathieën eerbiedigend, met ieder wil samen-
ïl
ii