HomeS.O.S. (Save our souls)Pagina 19

JPEG (Deze pagina), 702.65 KB

TIFF (Deze pagina), 6.04 MB

PDF (Volledig document), 22.19 MB

è 17 ·
5 voorgevoel van hem, die de verwoesting van zijn
­ i geboorteland reeds voor zich ziet, niet bewaarheid
worde.
1 Maar niet tot de regeeringen der Geallieerden
` _ tot wie ik reeds ernstige woorden gesproken heb
` is mijn noodkreet: ,,Redt onze zielen," gericht.
, Neen niet tot hen, die hun eed gebroken hebben,
maar tot u, Volken van Europa in wier edelmoedig­
heid ik, zooals steeds, nog onveranderlijk geloof.
i { Zooals de telegrafist op het zinkende schip door
nacht en duisternis zijn laatste noodkreet uitzendt:
’ _ ,,Zendt spoedig hulp. Wij vergaan. Redt onze zielen !"
; - zoo zend ook ik, vol geloof in de menschelijke
i ` edelmoedigheid, mijn bede voor de zinkende mensch-
J heid den donkeren nacht in. Ge weet niet, hoe
V p donker de nacht om ons is: er zijn geen woorden
· om die duisternis te beschrijven.
. Wien ik roep? Ik weet het niet. Maar weet dan
a ` de telegrafist wien hij roept? Misschien is er op
; de eenzame zee op duizend mijlen in den omtrek
geen levende ziel, die zijn bede hoort. De nacht
· is donker. Misschien is er wel heel in de verte
`g iemand, die hem hoort, maar denkt: ,,waarom zou
j ik daarheen gaan? Ik kan er zelf bij omkomen,"
n - en hij die roept, vervolgt zijn onzekeren weg in
’g den nacht. De nacht is donker en de zee onheil-
spellend. Maar de telegrafist gelooft en gaat voort _
@ met roepen tot de laatste minuut, tot het laatste
. f licht gedoofd is en het machtelooze radium voor
‘ altijd zwijgt.