HomeHet keerpunt van BrabantPagina 36

JPEG (Deze pagina), 959.66 KB

TIFF (Deze pagina), 7.80 MB

PDF (Volledig document), 37.51 MB

l
ll te
l *4
jl
lj 34
z; · i
gehouden. 34) Daaruit is op te maken, dat de financiëele draag-
kracht van Bataafsch Brabant over het geheel genomen nog niet
30°/0 bedroeg van die van het gewest Utrecht, dat zelf ook niet
lj tot de rijkste gewesten behoorde. Zelfs tegenover Drente, dat
met 39.672 inwoners bijna 1°/0 zou betalen, stond Brabant, het-
welk volgens dien maatstaf op 5.3°/0 zou moeten worden aan-
geslagen, nog ver in de achterhoede. j
{ Wanneer Brabant tot een aanbieding van 3°/0 zou moeten ko-
men, dan, zoo luidde ten slotte de instructie, zouden de kapitalen,
die op het kantoor der beden stonden, waarover reeds vroeger ge-
sproken is (bl. 25), blijven ten laste van de Generaliteit, terwijl ¥
lr « ook geen verplichting kon worden aanvaard voor de betaling der c
l i tractementen van predikanten enz.; zulks moest worden over- l
` gelaten, zoo schreef men, ,, aan de genereuse, menschlievende, en ;
l equitable denkwijs dezer vergadering, welke de eenige grond is,
waarop die betaalingen zouden kunnen worden gejustificeerd." ,
j Deze machtiging kwam nu voor den dag, nadat in de verga- l
q ` dering van Zondag 28 Februari, de Staten-Generaal op grond van ï
de door de Brabantsche afgevaardigden afgelegde verklaring, tot
, verdere onderhandeling opdracht gaven. Aan die conferentie zou- Q
r den deelnemen de Gedeputeerden van Hun Hoog Mogende, Ge- _
‘ committeerden uit het Comité tot de Algemeene Zaken, en uit
de Generaliteitsrekenkamer, alsmede de personeele commissie, j
benoemd voor de quote van Bataafsch Brabant: dezen moesten j
daags daarna - het schrikkeljaar gaf gelukkig een dag meer ter
C onderhandeling - rapport uitbrengen. j
4 Zeeland stemde met deze resolutie niet in, Overijssel behield C
t . zich vrijheid voor en Stad en Lande verklaarde alle faciliteit in deze j
‘ te zullen toonen. In de tweede vergadering der Staten­Generaal, op
ik 29 Februari des avonds ten 8 uur gehouden, werden de door Bra- )
V bant gedane voorstellen gelezen, alsmede een tegenvoorstel der .
Commissie. Deze stelde daarin een eigen berekening voor de quote j
op. Uitgaande van een zuivere belastingopbrengst van f. 950.000
en een gezamenlijke begrooting der zeven gewesten van 13*/,
" miljoen gewone uitgaven, zou dat voor Brabant een quote geven l
» van 7.450/0. Gezien echter den ongunstigen toestand van Brabant,
Z zou voor de eerstkomende drie jaar daarop een korting kunnen j
I gegeven worden van de helft: en zou dus een quote blijven van
·- iets minder dan 33/4°/0. Dat was dus aanzienlijk hooger dan het
. maximum, dat kon worden aangeboden. De onjuistheid van die