HomeHet keerpunt van BrabantPagina 24

JPEG (Deze pagina), 951.91 KB

TIFF (Deze pagina), 7.83 MB

PDF (Volledig document), 37.51 MB

R
i
T ­ 22
j het vaststellen van zijn aandeel in de gezamenlijke lasten, want
g dat was de spil waarom tenslotte alles draaide.
I In de vergadering van Representanten op 7 September stelde
, de Voorzitter de Bruijn een voorstel aan de orde, dat de verga-
N dering zou verklaren, dat het Gemeenebest niet behouden zou
kunnen worden zonder een allerspoedigste samenroeping eener
Q Nationale Conventie. Zonder eenig bezwaar werd dat voorstel aan-
i genomen en aan een commissie werd opgedragen daarvan in Den
Haag mededeeling te gaan doen. Hun Hoog Mogende namen de
communicatie onder dankbetuiging aan. De commissie had tege-
i lijkertijd opdracht gekregen dezelfde mededeeling ook te doen aan
, de gewestelijke Staten van Holland, alsmede aan de Centrale Ver-
t gadering, die op 22 _|uli zich in Den Haag geconstitueerd had ter
vertegenwoordiging van de talrijke sociëteiten, die in steden en
dorpen van geheel het land de revolutionnaire ideeën propageer­
den.2“) Daar was men aan een beter adres dan bij de Staten-
Generaal, en werd de Brabantsche motie bij acclamatie overge-
nomen. Trouwens die Centrale Vergadering had reeds eerder ,, de
u zaak van Bataafsch Braband" als een harer hoofdpunten in haar
. programma opgenomen.27) Brabant van zijn kant voldeed gaarne
aan een oproeping van Gelderland om tegelijk met de overige ge-
; westen tegen 1 October gedeputeerden te zenden naar Den Haag
om gezamenlijk de bezwaren uit den weg te ruimen, die in be-
trekking tot de Nationale Conventie tusschen verschillende ge-
westen nog bestonden. Het was in alle geval een erkenning, dat
Brabant op gelijken voet behandeld moest worden met de overige
gewesten. Vijf leden, waaronder ook Pieter Vreede, werden in de
ä commissie benoemd, waaraan de belangen van Brabant bij die
' besprekingen werden opgedragen. Den Bosch nam het zeer kwalijk,
dat het in deze commissie niet vertegenwoordigd was. Het meende
j immers alleen voor de geheele Meierij te kunnen optreden. Dat
blijkt wederom uit een brief gericht tot zijn afgevaardigden te Til-
i burg: ,, En zoude dan de eenige hoofdstad van dit gewest, de
eenige welke ooit stem in staat gehad heeft, mogen zwijgen,
, _ wanneer Provisioneele Representanten .... het dugtig artikel van
’­ de quote buiten haare medewerking onder handen nemen ?" 28)
C De Commissie ontving o. a. de opdracht voor Brabant een
ä. departementaal bestuur te verkrijgen, terwijl omtrent de bijdragen
,5 in de algemeene uitgaven haar lastbrief nog slechts vaag ver-
jïj meldde: ,,zullende intusschen de quote, in het Bondgenootschap