HomeNieuwjaarsfeest en koningsdag in Babylon en in IsraëlPagina 21

JPEG (Deze pagina), 793.66 KB

TIFF (Deze pagina), 7.77 MB

PDF (Volledig document), 29.92 MB



19
duistere machten van den chaos en van het doodenrijk
heerschen in hemel en op aarde, alle banden zün los-
gemaakt, de sociale verhoudingen ontwricht. Bij latere
1 schrijvers (het eerst Berosus, aangehaald door Athenaeus)
vindt men een beschrüving van een omkeering der maat-
schappelijke orde bij gelegenheid van het Sakaia­feest, dat
op zijn beurt weer doet denken aan de Romeinsche Satur-
naliën. Meesters en slaven verwisselen van rollen, en een
ter dood veroordeelde staat als ,,spotkoning" aan het hoofd
van deze verkeerde wereld. Wij weten dat de koning op
den 6den Nisan een gevangene vrijliet, die dan wellicht
deze rol kan hebben vervuld. Maar de bewijsplaatsen uit
de spijkeropschriften, die in dit verband meestal worden
aangehaald, zijn uit het oude Sumerische tüdvak, eeuwen
vóór Hammurabi, zoodat men met gissingen betrehfende het
groote feest van Marduk nog voorzichtig dient te zijn. 1)
Eenige jaren geleden heb ik de gissing geopperd, een
eigenaardigen tekst, die een tweespraak behelst tusschen
een slaaf en zijn meester, op te vatten als een soort tekst-
,f boek bu een dramatische opvoering op den vijfden dag
ii · van het feest 2). Het zou een boert of satyrspel moeten
, Q; zijn, waarbü het tragische met den glimlach der berusting
werd voorgesteld. De beide handelende personen zijn de
u spotkoning en zijn meester, die in het spel de rol van den
i· slaaf vervult. De eerstgenoemde eischt alle mogelüke dingen:
al E hü wil naar het paleis rijden, lekker eten en drinken, jagen,
een huis bouwen, vrouwen beminnen, weldaden aan het
land bewijzen en dergel. meer. De slaaf stemt telkens toe:
,,]a, I-leer, jal" Maar zoodra de toestemming verkregen is,
1) S. LANGDON, The Baöylmzzarz ami Pzv·sz`a1z Sacaea (journ. Royal As. Soc.
R 1924) p. 65-72. Vergel. ook: B. MEISSNER, Assyrzm zz. Babylamm II (1925),
p. 98 v.
2) F. M. TH. BOHL, Mz'71zus en Drama op hel Baai/Zarzzlvchs nz2z¢z0jaar;fèe.s‘i
(Stemmen des Tijds X, 1920/21) blz. 42-S5. ‘