HomeNieuwjaarsfeest en koningsdag in Babylon en in IsraëlPagina 11

JPEG (Deze pagina), 760.28 KB

TIFF (Deze pagina), 7.58 MB

PDF (Volledig document), 29.92 MB

. i 9 A
Hoe staat het nu met Babel? Als wij ook hier een
soortgelijk feest kunnen aantoonen, waarop de God van
I het heelal, aan wien de overwinning der duistere machten
en de wereldschepping werd toegeschreven, aan het begin
I van het jaar in een feestelijke processie uit zijn eigen
, tempel naar een plaats buiten de stad trok, waar zijn strijd
I dramatisch werd voorgesteld en als na zijn terugkeer in
den tempel zijn hernieuwde troonsbeklimming jubelend
II werd gevierd: dan hebben wij een analogie gevonden, die
` aanleiding geeft tot ernstige overweging. VVant door het
feit, dat een dergelijk feest van het nieuwe jaar en de
i troonsbeklimming van den jongen god Horus ook in het
I oude Egypte werd gevierd 1), wordt de analogie slechts
des te treffender en belangwekkender. Dat riten, die tot
I in de bijzonderheden overeenkomen, onafhankelijk van elkaar
I ontstaan zouden zijn, is niet te veronderstellen. Op welke
I zijde de afhankelijkheid gelegen is, Egypte of Babylonië,
I valt op grond van het schaarsehe materiaal te onzer be-
I schikking moeilijk te beslissen. ln ieder geval is niet Kanaän
het land van oorsprong geweest, dat aan de beide andere
I landen in cultisch opzicht tot voorbeeld zou hebben gestrekt.
En voor Kanaän was, zoowel in het vóórlsraëlietische als
in het lsraëlietische tijdperk de Babylonische invloed belang-
rijker dan de Egyptische. Zelfs in de eeuwen, dat dit land
_ _ een provincie vormde van het Egyptische rijk, waren hier
de Babylonische taal, het Babylonisch schrift, de Babylonische
denkwijze overheerschend. Dit werd ook door de in Sichem
° gevonden kleitafels met spijkerschrift weer aangetoond.
· Laten wij dus thans onzen blik vestigen op Babylon.
1) Zie: W. B. KRISTENSEN, De Zaqhzi wz MZ /z2zy‘hzzz‘/rzwml in dm Egyp-
Zzkchczz au/ms (Mededeelingen der Kon. Academie van V/etenschappen, Afd.
Letterkunde, deel 56, B. No. 6, 1923, blz. 16); en ook: R. l{1'[‘TEL, C)Sl)'Ii`//Q)’t`Ii£’/'/.£’7Z
wm' Lzzz¢M12z'iwgfes! (Orient. Lit­zeit. juli 192-1, col. 385 - 91). '