HomeEnkele gedichtenPagina 24

JPEG (Deze pagina), 467.35 KB

TIFF (Deze pagina), 5.82 MB

PDF (Volledig document), 15.33 MB

3
Daar ging in late zon der avondluchten XVIII.
Een kind dat aarzelend naar liefde smacht.
i Zij had den wind verstaan als weeldezuchten
En als het heimwee van een lied gedacht.
En hij begeerde een heilge niet en duchtte
+ Een ruw gebaar; maar dan ontroerde zacht ~
I Een blos 't albasten blank en licht verluchtte
¥ Het warme bloed in de al te strenge pracht.
ä Wellustig gruwen zijn verschrikte leden;
In wilde duizling snakt 't verwilderd brein;
Zij wendt het hoofd en zwijgt een angstge bede;
Dan dwingt zijn fel instinct haar prooi te zijn; ·­-·
jj Zij sterft een wijle om het innig wreede
g En weent dan dankbaar om haar teedre pijn.
l ` 21
1* ­j A j .___ _ % J L