HomeEnkele gedichtenPagina 16

JPEG (Deze pagina), 489.81 KB

TIFF (Deze pagina), 5.79 MB

PDF (Volledig document), 15.33 MB

IX. Gelijk een bloem verrassend uitgeschoten j `
. In 't duister van een zwoel gekoesterd hol ,
Met zenuwfijne teer­gelede loten
Aan monstergroei der uitgedijde knol; ‘ ‘
Zoo komen uit ’t verleidelijke bloote ‘
Van 't bleeke vleesch dat in zijn weelde zwol Q x
Haar hoofd als een subliem idee gesproten
En de edele armen uit hun okselhol. I
Een blanke weelde op een helrood kleed,
Barokke vorm bij stijlgetrouwe lijn, g
Een koele lauwte in 't zwoele kamerheet, I
En felle lust bij somberstil festijn; J
Maar 't hoofd, dat ik als een geliefde meed
Bij 't ruw genot, ontroerend lieve pijn.