HomeEnkele gedichtenPagina 17

JPEG (Deze pagina), 877.18 KB

TIFF (Deze pagina), 9.54 MB

PDF (Volledig document), 21.55 MB

een rosse warreling, en beter niet gezongen J
liep heeft Eva met een schrik uit hare rust ontwaakt.
­ Ach, Adam, gij zijt ver, die bij de paarse druiven
de zware trossen telt en wandelt langs het wuiven
der slanke palmen rank gevederte. De slang, ;
` de slang van glinsterend kwaad maakt uwe Eva bang. ij
*
En Eva heeft, ontsteld, de handen aan het hoofd,
tot zitten zich gerekt; en, van haar droom verdoofd ~
Q met starende oogen ziet dat wat zij niet gelooft:
l een menschelijk aangezicht, zeer glanzend en zeer wreed.
ii
Een lispelende tong haar Huisterend welkom heet
V en haren droom bespreekt met wonderlijke kennis
Z en al haar bloed vermoeit met eene zoete schennis,
gelijk zij nooit ontving van Adam, haren man.
1ur, En Eva rekt zich nog, haar beide ronde borsten
staan sterk en star versierd omhoog alsof zij dorsten
der wereld praal trotseeren met hun pracht
en " daar zij de wereld gaan beheerschen met hun macht.
ken
En Eva rekt zich nog, met half gesloten oogen,
in hare droomerigheid vergeten half dien logen.
j Vanaf de schouderen, de armen loom bewogen
gen strekken zich, en het lijf, dat men de ribben telt
I 2

^
sg
’ïêï