HomeEnkele gedichtenPagina 12

JPEG (Deze pagina), 901.16 KB

TIFF (Deze pagina), 9.56 MB

PDF (Volledig document), 21.55 MB

iii

Adam ötde Dieren. Al)AM is in het groene gras getreden,
Voor Edith schoon was de lucht omhoog, schoon was het veld
von Schrenck. [beneden,
DC dioron uit Gods droom, giraf en olifant,
het zwarte schaap, de aap, de roode pelikant,
het ranke paard, de drachtig bonte koe,
het Varken en de hand gaan allen naar hem toe
gezamenlijk geschaard, aan paren van hun soort i
gelijk een dansersstoet, die zelve is bekoord
met haren Heren trant en welversierde schreden.
Egflg
Zoo ook het pl uimgediert, dat glinsterend van veeren,
een tweeden stoet formeert in even fraai spanseeren
met rosse hanen en faisantenpracht,
mët SCh1‘€d€11 hoog Cu trotsch, en schreden snel en zacht,
van kwikstaart, vinkentuig en ’t graauwe roofgedierte;
een leger vogelen, in trantelende slierten
daarin kwaad beest en goed vriendschappelijk verkeeren.
Ter andere zijde van den eersten stoet komt aan
’t onrustig veldgediert van angstiger bestaan,
` der hazen sprong vooraan, konijnen wit daarachter, '
der muizen vale drom, trippelend voor hun wachter,
een bonte boerenkat, die wandelend met haar kater,
beleefd hen overziet en likkebaardt op later.
äl
Drie stoeten dieren recht naar Adam gaan. ik