HomeDe zwerver spreekt en andere gedichtenPagina 29

JPEG (Deze pagina), 588.97 KB

TIFF (Deze pagina), 8.56 MB

PDF (Volledig document), 31.50 MB

1 l' I Y i Y " Y ` ' ' ’ ’ ç-
¥
BIJ SCHILDERIJEN III.
AERT VAN DER NEER.
Op flonkrend parlemoer geschubde luchten
Praalt het geboomte in vlinderfulpen luister, p
A Als donker kantwerk, dat in spits geiiuister l
Zijn teekning tipt om sluimrende gehuchten . . . I
pi Spelende schijnsels, die het licht ontvluchtten,
« Lonken uit honken van gesmolten duister,
_ En langs de kartling van het loover suist er
Y Smijdig gekweel van zwaatlende geruchten. {
· Zoo was uw wereld: dorpen, beemden, vlieten, r
Zwijmend in ’t zoete van een koestrende’ avond . . . I
Het leven, duikend in geheim genieten, i
En ’t helle van den dag in schroom begravend . .. {
pi De ziel, die stroomen schittrens dorstend lieten,
i Zich in ’t getvvinkel van haar droomen lavend. pp
Y 24