HomeDe zwerver spreekt en andere gedichtenPagina 13

JPEG (Deze pagina), 558.17 KB

TIFF (Deze pagina), 8.48 MB

PDF (Volledig document), 31.50 MB

DE ZWERVER SPREEKT I.
WAKE.
Op stillen tocht en eenzame ommegangen,
E Voel ik mij dichtst bij die mij zijn gebleven '
Als starren in dit al te duistre leven,
En ’k leef in hen en ken geen vreemd verlangen. O
Liefde is het louterst, die van brandend prangen
I Noch bang begeeren weet, -­ wier durend streven n
Is: lichtende gedachtenbeelden weven,
“ Op liefdes zoet stramien uit strijd gevangen.
Toch, soms, - als wolkenveere’ in heldre luchten -
Waart door mijn kalm gemoed een teeder duchten,
Dat mijn zoo stil beminden leed geschiedt . . . j
Dan, om hun haardsteên heimlijk te beveilgen, I
Waak ik ’s nachts aan de poorten mijner heilgen,
I En ’k bid voor hen, maar zij, zij weten ’t niet.