HomeDeirdre & de zonen van UsnachPagina 58

JPEG (Deze pagina), 807.33 KB

TIFF (Deze pagina), 8.18 MB

PDF (Volledig document), 58.48 MB

l
doorbroken, maar zachter en als verdwijnend in
schaduwverten ruischte het aan uit de richting, waar,
bleek, het nu geheven gelaat zichtbaarwasv an Sencha,
die speelde. En dat was alles wat men achter de gul-
den schemer der harp kon onderscheiden - devreem-
de onbewogenheid van het hoofd, en daaronder het
j bewegen der witte lange handen, dat al langzamer
i werd. Droomverloren staarden die oogen over hen
heen. Maar een ijle glimlach was over de dunne, g
lange lippen, en bleef daar toen Concobar, nu niet
wankelend, opstond.
j Bleeke angst en duistere woede vertrokken zijn ge- ;§
laat. Alles was hem ontnomen geworden, alle de vast-
heden en hechte steunselen des levens, waar hij lui-
sterend en onmachtig had gezeten onder de vreemde
eentonigheid van dien dwang. En voor zijn verlaten- l
heid zich geheel voltrok, had hij nog een gezicht
gehad op de rust, de strenge, klare, die waarlijk vor- r
stelijk is. Toen had de kille nevel zich gesloten, en
_ hij was alleen gebleven. Maar een rilling van angst,
en armzalige ellende had de scheeve kroon doen j
i glijden van zijn hangend hoofd. Scherp en zwaar t
viel het op zijn handen in zijn schoot. Hij was opge- is
schrokken. Een radelooze begeerte, in weerwil en §`
ten koste van wat ook, wereld en macht terug te ‘
winnen was als een greep neergekomen op zijn hoofd,
· en had het omhoog en terug tot in den nek getrokken, ’
M 4 toen de laatste stijging van wanhoop brak en door de `
~ zaal uiteenstroomde. Hij had zijn oogen dichtgekne-
pen. In zijn ingetrokken onderlip beten schokkend ‘
zün tanden. ‘ ,
t 52
5 r l
‘ t..- i .