HomeDeirdre & de zonen van UsnachPagina 41

JPEG (Deze pagina), 867.28 KB

TIFF (Deze pagina), 8.03 MB

PDF (Volledig document), 58.48 MB

wezen al ijler werd en eenzamer. Zij lag naast hem
als naast een herinnering, en als een herinnering ook R
was haar het eigen lichaam. En heel den langen nacht . ‘
hoorde zij de zee in de verten. j
Wel zeide zij hem nog, toen hij vroeg en verheugd ¢
ontwaakt was, dat zij in een droom op de muren van I
Emain Macha had gestaan, en beneden zich een `
zwart nauw raf had gezien. Y
_ ‘En dat was äet graf van de zonen van Usnach. En Q
daar was geen plaats meer voor mijn hoofd naast het · · ’
uwe, Noisa.’
Maar hij, staande in de open deur, sprak, uitziende R
naar buiten, luchthartig en onbezorgd: `
‘Laat die droomen achter op deze heuvelen en de ,
ruige rotsen, en de golven brekend achter ons schip. *
Want wij gaan naar de vrede en de vriendschap van
Concobar, en het leven van Emain Macha, dat gij ll
schoon zult vinden en machtig, en rijk aan vreugden’.
Het weinige, dat er dien morgen nog te doen was, *
werd snel gedaan. Onderwijl spraken de mannen druk j
en met blüde stemmen over het leven van vroeger, ll
dat hen nu weer wachtte. Deirdre was behulpzaam, ‘ j
doch als zij sprak was dat alleen over de dingen, die 5
k gedaan werden. ' .'
Zij had haar afscheid van de woning en het eiland I
genomen, onafgebroken, in de eenzaamheid der dagen i
en nachten van dien laatsten tijd. Toen de uittocht ·,
begon, liep zij mee, rustig, en zag niet meer om.
Naast haar liep Fergus, die als een oud vriend met
; haar sprak. Hij vertelde van het leven van haar min-
naar, voor hij tot haar kwam, en hoe Noisa hem {
ss
. ü`